Half vijf op zaterdagmorgen. Het is  de eerste keer dat ik op een onzalig tijdstip een app-je krijg met de tekst “Hoe gaat het met je?” Kennelijk maakt iemand zich nu zorgen om mij. Ik slaap echter diep, lees hem pas vier en half uur later en geef dit antwoord: “Ik sliep tot een engel neerdaalde en mij meenam naar boven alwaar ik mijn rust vond

Wat eraan vooraf ging

Op vrijdagavond koop ik een enkele reis per spoor richting Rotterdam CS. Het is waarschijnlijk de eerste en zeker weten de allerlaatste keer dat ik een kaartje koop voor de Hoekse Lijn. Ik reisde in deze eeuw een enkele keer op kosten van een overheidsinstelling, maar voor de rest: nooit van mijn leven. Ik ben uitgenodigd als medewerker van een van de media en omdat onze Corinne Hamoen een korte voordracht mag doen, wil ik daar graag persoonlijk bij zijn. Al was het maar als steun, want ze vindt het best spannend. Ik hoop haar op Rotterdam CS te treffen.

De heenreis is heel ontspannen mede dankzij een aangenaam gesprek met een reisgenoot. Dat kan op dit tijdstip in een rustige avondcoupé, hoewel we niet de enigen zijn die deze tocht zullen blijken te maken. Op Rotterdam CS is het een herrie van jewelste dankzij twee accordeon spelende dames die voor vertier moeten zorgen. Het staat er vol met lieden-die-hun-laatste-tocht-gaan-maken.
Wat een herrie produceren die mensen en het is nog lastig om het laatste treinkaartje en het polsbandje te bemachtigen. Het davert en je kunt elkaar bijna niet verstaan. Een en al gekte.

Ik tref inmiddels Corinne en loop met haar mee in deze optocht die doet denken aan Het Grote Gebeuren van Belcampo. Dan blijkt dat ik – en met mij de meeste andere media – helemaal niet in de coupé mogen waarin alleen wethouders – Edo en Ahmed hebben afgezegd – en de sprekers zitten. We mogen wel op het aanpalende sta-gedeelte er vlak naast. Ook goed. Mij krijgen ze niet gek, nog niet …

Vlak voordat de allerlaatste vertrekfluit klinkt, springt een horde Hoekenezen aan boord die zich al een beetje blijken te hebben ingedronken. Wat kunnen die lui een lawaai produceren. Als we net rijden trekken ze een fles champagne open en gaan helemaal los. Ze maken per telefoon een live verslag waarbij geen mens veilig is en het geluidsniveau elke beschaving voorbij is. Inmiddels heb ik het gevoel van de ‘laatste-dans-aan-boord-van-de Titantic’.

Van station tot station spreekt er iemand via de intercom. Ik sta inmiddels op een verhoogd deel met mijn oor op 10 cm van de luidspreker. Er heerst ondertussen een sfeer van dansen-op-de-vulkaan, terwijl het einde nadert. Maar mij krijgen ze niet gek. Alle teksten laten zich makkelijk samenvatten, dankzij de herrie en het matige geluid door de intercom: “Brrmmm, onverstaanbaar.. mzzzz; niet te horen… krkk krak, zoemmmm.” Zelden heb ik zo compact 10 gedichten kunnen samenvatten. Ook de wethouders die wat door de installatie vertellen, gebruiken exacte diezelfde woorden … Het is een “Can you hear me Major Tom, your circuit’s dead. There is something wrong” …

We naderen HvH en de inmiddels dolgedraaide Hoekenezen doen een count-down. We stappen uit op het station en op het perron schalt een ge-hoempapa tegemoet dat past bij deze “Bonte stoet van het circus Jeroen Bosch”. We pogen een glas wijn te scoren, twee bobo’s schudden elkaar ten teken van de overdracht een hand en een wethouder bralt zijn bobo speak vergeefs over de goegemeente. Het Smartlappenkoor tracht haar enthousiasme over te brengen op de aanwezigen, maar er is weinig animo.

Rond half drie vertrekken de bussen en het is aangenaam rustig alsof je in een slaapstad bent. Dankzij een gesprek in de laatste tien minuten, bewaar ik toch nog een aangename herinnering, maar die heeft niets met heel dit evenement te maken.

Ik sluip thuis het huis in en installeer mij rond drie uur op de bank, in de hoop niemand (ook geen hond) wakker te maken en val meteen in slaap.

Totdat mijn vrouw – die inmiddels mijn auto heeft zien staan en al een vergeefse app heeft verstuurd – om half vijf in de kamer verschijnt en vraagt of ik mee kom. Ik word wakker en ga mee naar boven en slaap uit tot tien uur.

Jelle Ravestein

Jelle Ravestein

Maandagcolumnist | Schrijver | Dichter | Poëziecafé Woordkunst | Mensenslijper | Gespreksleider Themacafé Bibliotheek MM | Aan de andere kant | Business Consultant | Blogger | Spindoctor |

5 Reacties

  1. Aad Rieken
    4 april 2017 at 06:48

    ”NOSTALGIE!”

    In 1948 stond ik op her (perron zonder accordeon) te wachten op juf Huisman die uit Vlaardingen kwam met de Muizeneus,we vochten erom wie haar tas mocht dragen.

    In 1958 ging ik met de Hondekop naar de RK ambachtsschool in Rotterdam,waar je toen nog werd opgeleid voor bankwerker,schilder en/of timmerman.

    In 1968 ging ik met een Sprint-er vandoor om mijn favoriete (bij)cluppie Feyenoord te zien spelen met ‘supporters’ die het beste elftal (ooit) in de Kuip zagen spelen!

  2. Marcel Thomassen
    3 april 2017 at 15:28

    Heel m’n leven zocht ik naar een engel maar een engel kwam er niet, tot dat ik jou voor het eerst ontmoette, en m’n hart zong toen een lied. Dit zijn de eerste dichtregels van een beroemd Zuid-Afrikaans gedicht. Waaraan ik moest denken bij de column van Snelle-Jelle Ravestein die met een sjacharijnige kop vol ergenis rondliep bij de laatste rit van Rotterdam naar Hoek van Holland-Haven afgelopen nacht van vrijdag op zaterdag.

    Het wachten op engelen is hetzelfde als het wachten op de treinen van organisatie’s als Nederlandse Spoorwegen of op de inzet van de afdelingen communicatie van sommige gemeentes rond het afscheid van de Hoekse Lijn, ik organiseer dan zelf altijd maar mijn eigen festiviteiten de botte Hollanders kennende.

    De Hoekse Lijn. Ik heb ervan genoten, bovendien ga ik prat op al die Maassluizers die de laatste trein op de Hoekse Lijn uitzwaaide. Uitzwaaide op de Maassluis stations en vanuit hun woningen langs de spoorlijn, ik werd daar ontroert van.

    Toch zijn ’n aantal opmerkingen van Jelle Ravestein (je wordt ouder pappa of dadelijk net zo cynisch als ik), terecht over dit feestje. Het was en rommeltje rond het afscheidt van de Hoekse Lijn. En dit was te verwachten.

    Behalve voor mij dan natuurlijk de Jan Boerenfluitjesmentaliteit in de omgeving kennende. Ik organiseerde n.l. zelf een Maassluis en Vlaardingse inbreng rond dit afscheidt. En ik kreeg verder een expo op het Rotterdam CS. Mijn Vlaardingse stadsrebelerende kunstvriend “Peter de Jong” kon in de laatste trein zijn afscheid ding doen met de burgemeester aldaar.

    De Maassluise machinist van die laatste trein kreeg van mij in persoon ’n kunstwerk uitgerijkt mbt het oude NS-station Mssl Centrum van de Maassluis kunstenaar Jos Degen. En tevens had ik persoonlijk zes intervieuws met regionaal & landelijk media waaronder radio & tv over de Hoekse Lijn & Maassluis. Men moet tenslotte wat doen om de zaak te verkopen.

    O ja, ik maakte ook nog een dansje met de twee vrouwelijk acordionisten op peron 1. Wat is de acordion toch en verrukkelijk plus zeer onderschat origineel oer-Hollands muziekinstrument. De haast vergeten acordion. Meer acordion s.v.p..

    Men moet persoonlijk wat doen om zijn zaakjes te verkopen. Ervaar Maassluis. De op dit feest aanwezig Maassluis collegeleden & gemeenteraadsleden plus verloren ambtenaren alsmede de reporter van het plaatselijke suffertje “de Schakel”, vielen mij vooral op door het met hun botte uitstralingloos koppen angstig samen klitten op het peron van dit feestje plus hun veelal gebrek aan stadspromotie alsook communicatief vaardigheden. Het leken wel dorpelingen. Meer acordion alstublieft, anders wordt het hier nooit wat.

    • 3 april 2017 at 17:17

      We zien je hier genieten

  3. Ronald van Santvliet
    3 april 2017 at 10:05

    KADENG KADENG JHOEHOEEEEE

  4. Aad Rieken
    3 april 2017 at 08:47

    ”NS Off,RET Online,
    Op De Hoekse Lijn!”

    Van Rotterdam tot Hoek van Holland,
    is deze lijn vijf maanden gestrand.
    De nieuwe RET lijn,
    laat ‘ie heel fijn zijn,
    voorlopig komt het busje plezant!