Dit weekeinde heeft op duidelijke wijze aangetoond wie er de baas is. Moeder Natuur heeft ons getrakteerd op een flinke portie regen en menige straat kon het hemelwater niet aan. Ook singels en sloten zagen het waterpeil flink stijgen. Sommige singels waren tweemaal zo breed en de taluuds tweemaal zo smal. Het stelt mij niet gerust.

In september 1998 ontsnapte het Westland en dus ook Maassluis aan een grote overstroming. We hebben later ook in Wilnis kunnen zien wat er gebeurt met verzadigde dijken. Er is vanaf 1998 door het hoogheemraadschap Delfland steeds meer geld gevraagd voor waterschapslasten. Wat wordt daarmee gedaan en is dat toereikend? Wie houdt toezicht? We hadden weliswaar een prins watermanager, maar die keek vooral naar drinkwatervoorzieningen in de derde wereld. Nu gaat het juist om overtollig water binnen de landsgrenzen en niet zo een beetje.

We waren trots op onze deltawerken. Deze zijn een tijdje toereikend geweest, maar vergen onderhoud, aanpassing aan veranderende omstandigheden. De hoogte van de dijken, het waterpeil binnensdijks en de rioolcapaciteit van onze stad het zijn geen symptomen van “alles onder controle”. Ik weet dat het beheersen van het waterpeil is verbeterd, maar is het genoeg? Klimatologen en dergelijke visionairs waarschuwen voor een veranderend klimaat. Op dit moment zijn de weerfactoren niet samengekomen voor een ramp à la 1953. Ik lijk wel een onheilsprofeet…

Toch vraag ik mij af wat er gebeurt als er een flinke stormwind voor springvloed zorgt en het waterpeil binnensdijks zo hoog staat als dit weekeinde. We betalen voor een veilig gevoel, maar is het werkelijk onder controle? Wie controleert de controleurs? We weten hoe slecht dat wordt uitgevoerd als we naar accountantcontroles kijken. We herkennen ook allemaal de houding van ‘anderen zijn verantwoordelijk’ die het niveau van naiviteit niet ontstijgt. Anderen denken ‘après nous le déluge’ – na ons de zondvloed. Het is de vraag wanneer er een buienstelsel overkomt dat gepaard gaat met een flinke storm die ons dan voor grote problemen stellen. Ik moet er niet aandenken dat het 400-jarig bestaan van onze stad in het water valt of erger. Ik wens iedereen een ‘waterbestendig’ bestaan, maar we dienen wel zelf de instanties bij de les te houden.

Jelle Ravestein

Jelle Ravestein

Maandagcolumnist | Schrijver | Dichter | Poëziecafé Woordkunst | Mensenslijper | Gespreksleider Themacafé Bibliotheek MM | Aan de andere kant | Business Consultant | Blogger |