Kijkt u nog? Naar het songfestival? Of bent u ook een van die vele mensen die wel een mening heeft over het songfestival maar als het zover is iets anders gaat doen. Iets zinvollers. Want laten we wel zijn, tegenwoordig duurt zo’n Eurovisie Songfestival (zo heet het officieel) maar liefst drie dagen.

Toen wij als Nederland dat vermaledijde songfestival nog weleens wonnen, in een ver verleden in de vorige eeuw, deden er tussen de 15 en 20 landen mee. West Europese landen. Alles wat Oost Europees was zat nog achter slot en grendel achter het ijzeren gordijn. Op een zaterdagavond (denk ik) werd dan het Eurovision Songcontest georganiseerd en uitgezonden. Aanvang half negen, winnaar bekend om ca. half elf.

Tegenwoordig, na de val van de muur en de toevloed aan oost Europese landen (waarvan er na verschillende afscheidingen steeds meer kwamen, denk aan voormalig Joegoslavië en de Sovjet Unie) zijn er al 50! Landen die mogen meedoen. In 1956 waren dat er 7!

Tegenwoordig blijkt Europa ook opeens een heel rekbaar begrip. Deed een aantal jaren geleden ineens Israël mee (dat ook nog eens een paar keer won), tegenwoordig mag zelfs Australië een inzending sturen. Hoezo Eurovisie? Maar ook bij de inzendingen van landen als Azerbeidzjan, Armenië, Georgië, Marokko en Turkije kun je je vraagtekens zetten. Laten die lekker meedoen aan het Aziatisch of Afrikaans songfestival. Maar dat zal wel niet bestaan. Ik denk dat dit de belangrijkste reden is dat steeds minder mensen serieus gaan zitten voor twee urenlange halve finales en een minstens zo lange finale. Heb ik het helemaal nog niet over de stoet van vreemde kostgangers, eurodiscohitjeszangers en –zangeressen en ronduit absurde, zichzelf artiesten noemende deelnemers die elk jaar weer het podium bevolken.

De laatste keer dat ik keek (en dan alleen ongeveer op het moment dat zij opkwam) was een paar jaar geleden toen Anouk meedeed. Eenvoudig gekleed in het zwart met een mooi breekbaar liedje maakte zij een eind aan de idiote Nederlandse bijdragen van de jaren daarvoor (Toppers, Sineke). Even, voor een minuut of drie, heb ik toen genoten van een optreden waar je er meer van hoopt te zien maar waarvan je weet dat het niet gaat gebeuren.

Dit jaar hoorde ik op de radio de Belgische inzending. Een mooi sober maar prachtig gezongen liedje van een Belgisch meisje van 17.
Zij moet maar winnen, wie weet helpt het.

 

Wouter vHeiningen

Wouter vHeiningen

Vrijdagcolumnist sedert juli 2013 | Directeur Bibliotheek Maassluis & Midden-Delfland| Bestuurslid van Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart en stichting Ongehoord!

4 Reacties

  1. Aad Rieken
    13 mei 2017 at 08:10

    Het Is Toch Niet Je Ware,
    Dat Buren Elkaar Spare..,
    (maar meer het nare rare)

  2. Aad Rieken
    12 mei 2017 at 08:48

    ”Douce En/Of Dou-ze……,
    snel de douchekamer in!”

  3. Aad Rieken
    12 mei 2017 at 08:17

    ”DOUCE POINTE!”

    Het Staat Al Bij Voorbaat Vast….,
    Belgie Krijgt Van Ons Geen Last!