Koos heeft het regelmatig over zero tolerance beleid. Dat moet zich in de praktijk vertalen naar het niet toestaan van overtredingen door de jeugd. Op zich is het goed om zo vroeg mogelijk het kwaad de kop in te drukken. Jong afgeleerd is oud niet gedaan. Alleen werkt het zo niet. Je kunt met verbieden en straffen geen langdurige resultaten bereiken. Je hebt rolmodellen nodig en wel de eigen ouders en oudere gezinsleden. Daar wringt hem meestal de schoen.

Ik ben van menig dat zero tolerance beleid niet spoort. Er zijn te veel kanttekeningen te plaatsen bij de verwachtingen die men hiervan heeft. Men moet zich afvragen hoe het komt dat uitwassen ontstaan. In mijn waarneming is de maatschappij sterk veranderd in de laatste 35 jaar.

In de jaren zestig en zeventig heeft de jeugd zich losgemaakt van het ouderlijk gezag. De maatschappij heeft steeds meer inspraak en medezeggenschap moeten toestaan op veel terreinen. Ook het traditionele gezag is danig uitgehold. Men behoorde toen bijna allemaal tot een kerkgenootschap dat geborgenheid en sociale controle bood. Niet-kerkelijke mensen waren vaak aangesloten bij de arbeiderspartij en een vakbond. Men kende elkaar daardoor en hield een oogje in het zeil.

Sinds de jaren tachtig is deze vorm van controle sterk afgebrokkeld. Dat is nog versneld door de individualisering, waardoor anonimiteit sterkt toeneemt. Ook de mentaliteit van “iedereen heeft recht op alles” en “dat moet kunnen” dragen bij. Daarnaast biedt de maatschappij de mogelijkheid om je te ontwikkelen van jongsaf aan. Daarmee zijn al diverse generaties ontevredenen en onrustigen ontstaan. Ook steeds meer vrouwen die hun studie te gelde willen maken en dus een (parttime) baan hebben en een carrière nastreven.

De overheid heeft faciliteiten en plannen ontwikkeld, die dat voornemen ondersteunen en stimuleren. Individuele verzekeringen, persoonlijke pensioenopbouw, kindercrèches, toetsing en meeweging van beide inkomens bij aanvraag van hypotheek, enzovoort.

Dit heeft tot gevolg dat “iedereen” wordt meegezogen in die trend: een eigen huis kopen, moeder meewerken, meedoen met de rest. Kijk maar eens naar de hoeveelheid speelgoed, spelcomputers, pc’s er gemiddeld in een gezin aanwezig is. Is het niet om mee te doen, dan is het wel om van het gezeur af te zijn “Ik wil ook een …”

Die ontwikkeling is een voortdenderende trein die niet te stoppen is. De keerzijde van deze medaille is dat een groot deel van de opvoeding afhankelijk is van hoe er wordt gehandeld door het kinderdagverblijf, de basisschool, de buitenschoolse opvang en de sportverenigingen.

Die zien zichzelf echter niet als het verlengstuk van de ouderlijke macht. Terecht. Maar daardoor krijg je kinderen die makkelijker kunnen ontsporen. Dat gebeurt zeker in gezinnen waar de ouders na een lange werkdag zich niet druk maken over wat hun kind buiten doet al zwervend tot laat op straat. Het illegaal afsteken van vuurwerk is maar een kleine voorbeeld.

Het kan op latere leeftijd leiden tot gewelddadig gedrag en criminaliteit. Afgelopen week nog enige voorbeelden. De koperdief die eigenhandig de Hoekse lijn minstens 5 keer heeft lamgelegd. Twee chauffeurs die elkaar op de Burgemeester Zaneveldtstraat te lijf gaan.

Het laatste is kenmerkend voor hoe kort de lontjes tegenwoordig zijn. Ook dat komt door de voornoemde maatschappelijke ontwikkelingen. Het individu stelt eigen belang steeds meer boven dat van een ander.

Het ergste is nog dat diezelfde lieden vooraan lopen in stille tochten. Ik was blij dat mijn stadje niet zo sterk ontspoorde tot nu toe. Met de komst van de metro op de Hoekse lijn in 2015 ben ik daar niet meer zo zeker van. Tegen die tijd is Koos echter al lang gevlogen.

M.A. Sluizer jr.

M.A. Sluizer Jr.

M.A. Sluizer Jr.

Gastcolumnist | Levensgenieter | Stadscriticus | Woensdagcolumnist in de periode 2011-2013 | Incidentele gastcolumnist vanaf 2015