column nr: 212

Dat ruimte een betrekkelijk begrip is, daar kwam ik achter toen ik op een korte vakantie was naar Roemenië. Een groot land, vele malen groter dan Nederland, maar ook een leeg land. Wanneer je vanaf de hoofdstad Boekarest richting de kust van de Zwarte zee reist over de enige (!) snelweg die het land rijk is, rij je urenlang door grote lege vlaktes… kom daar in ons land maar eens om.

Golvende groene heuvels met alleen zo af en toe een dorpje in de verte. Wat ook opvallend is, is dat er niet of nauwelijks boerderijen te zien zijn. Waar je in Nederland nog regelmatig boerderijen tegenkomt in de polders zijn ze daar vrijwel afwezig.

En dan heb ik het over het oostelijk gedeelte van het land waar het plat is. In de heuvels van Transylvanië is het minstens zo leeg, misschien wel leger.

Kom je vervolgens in de hoofdstad Boekarest dan verandert dit beeld ineens volledig. Deze stad met bijna twee miljoen inwoners is een chaos, een drukke metropool waar men zich niet heel erg aan de verkeersregels houdt, waar elk stukje grond benut is om te bouwen. Waar er geparkeerd wordt naar believen met als gevolg dat de straten vaak onbegaanbaar zijn.

Het verschil met Nederland is hier misschien nog wel veel groter. Ruimte genoeg zou je zeggen, dus waarom gaat men met zovelen zo opgekropt bij elkaar zitten? Ook in dit geval is het in Nederland toch een stuk beter geregeld, geen overvolle grote vervuilde steden, nauwelijks vervallen of op instorten staande huizen. Nee, al met al hebben we het hier helemaal niet slecht ondanks onze ‘beperkte’ ruimte.


 

Wouter vHeiningen

Wouter vHeiningen

Vrijdagcolumnist sedert juli 2013 | Directeur Bibliotheek Maassluis & Midden-Delfland| Bestuurslid van Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart en stichting Ongehoord!