Wist JIJ dat? Dit doen columns met de lezer ...(klik op plusteken)
  Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van 't Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten. Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia

colum nr:  234

Een aantal jaar geleden overleed, na een mooi leven, mijn kat Fritz. Of eigenlijk moet ik zeggen poes Fritz. Het beestje was in het wild geboren op het land van een boer die tussen Delft en Rotterdam zijn boerderij had. De boer wilde geen wilde poezen op zijn land en terwijl hij een familie weg joeg haalde 1 kitten de oversteek van een sloot niet en kwam in het water terecht. Lang verhaal kort: een vriend van mij woonde op die boerderij, de boer nam de kitten mee naar huis maar was bij mijn vriend niet te handhaven en dus vroeg hij of ik hem wilde opnemen in mijn huishouden.

Het kleine beestje was schattig, wat wild en volgens mijn vriend, een amateur veldbioloog in ruste, een katertje. Ik besloot hem Fritz ( the cat) te noemen en toen ik een maand later met die kleine naar de dierenarts ging verbaasde hij zich over de naam voor een poes. Het bleek een meisje.

Negentien jaar lang bleef het echter – voor mij – een hij en Fritz.

Fritz had een eigenaardige gewoonte (één van vele bedenk ik me nu) om als hij buiten was voor de deur te gaan staan en op het raam te kloppen. Hij miauwde nooit maar kloppen als ie naar binnen wilde kon ie als geen ander. Handig en leuk.

Tot de oppas voor het eerst kwam en Fritz buiten zat. Halverwege de avond werd er op het raam geklopt en de oppas wist zich geen raad, ze had al stiekem tussen de gordijnen gekeken wie er klopte maar zag niemand. Uiteindelijk belde ze me en kon ik lachend uitleggen dat het de poes was.

Veel mensen zijn blij met het gezelschap van een hond of een poes. Ik begrijp dat heel goed.

⊗——het einde ——⊗

WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

Bekijk in LANDSCAPE stand (kantel uw portrait stand ) voor een goede weergave

Wouter vHeiningen

Wouter vHeiningen

Vrijdagcolumnist sedert juli 2013 | Directeur Bibliotheek De Plataan voor Maassluis, Vlaardingen & Midden-Delfland| Bestuurslid van Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart en stichting Ongehoord!