colunm nr 28

Ik ga al jaren in de vakantie naar Turkije, eigenlijk is het altijd een gecombineerde vakantie, we gaan langs bij familie en we gaan lekker naar de kust. Het heerlijke eten, het mooie weer, de natuur en de cultuur en de vriendelijke bevolking hebben mijn hart gestolen.

Toen ik er jaren geleden voor het eerst kwam, was ik verbaasd over dit prachtige land. De bergen, de kustlijn, de verborgen dorpjes in de dalen, de geluiden van een ratelende kar, de tjirpende krekels, de lekkere kopjes thee en overal waar ik kwam was men oprecht geïnteresseerd in mij, werd ik uitgenodigd om te komen eten of om thee te drinken. Dat warme welkom in dat kleine dorpje, door een familie waar ik weliswaar amper mee kon communiceren herinner ik me als de dag van gisteren.

Sommigen hadden het dorpje bijna nog nooit verlaten. Laat staan dat ze ooit een buitenlandse hadden gezien of gesproken. Je zou verwachten dat ze eerst eens zouden kijken wie er in hun midden kwam, je zou verwachten dat ze misschien met enige terughoudendheid eerst eens de kat uit de boom zouden kijken. Ik zou dat zelf namelijk wel hebben gedaan. Zomaar een vreemde meenemen is tenslotte niet gebruikelijk, zeker als deze de taal niet spreekt, niet gewend is aan onze gebruiken, normen en waarden. Ik had me daar ieder geval wel een beetje op voorbereid en daarnaast had ik ook nog niet zo heel veel ervaring met culturen dus had eerlijk gezegd ook geen idee wat me te wachten stond. Ik werd verrast, ik werd zo verrast dat ik het er nu, jaren later, nog steeds warm van krijg. Deze mensen sloten mij in hun hart, verwelkomden mij alsof ze mij al jaren kenden. Hun hartelijkheid verbaasde mij toen, ik had het zo nog niet eerder meegemaakt.

Ik was die Hollandse nuchterheid gewend, niet lullen maar poetsen en doorgaan wat er ook gebeurt, een hele andere manier van omgaan met elkaar, “kouder” ook. Ik herinner me nog dat ik eens een vriendinnetje had waar ik soms ook mocht blijven spelen. We haalden elkaar op, speelden buiten of gingen samen naar school. Soms als ik daar kwam, gingen zij net aan tafel en mocht ik binnen op de bank wachten tot zij klaar waren met eten soms mocht dat niet en moest ik thuis op haar wachten. Toen vond ik het niet raar maar ik weet nog wel dat ik het jammer vond dat ik nooit mee mocht eten, want dat leek me eigenlijk best wel leuk, om eens bij een ander mee te eten. Hoe anders was die eerste kennismaking met die familie in dat dorpje in Turkije.

Als je niet veel hebt dan deel je dat wat je hebt met elkaar. Dat is een vanzelfsprekendheid daar wordt niet over gesproken, je helpt elkaar daar waar het nodig is tot waar je kunt. Als er geoogst wordt, help je elkaar op het land. Als er een herdenkingsdienst is, kook je met zijn allen voor de bezoekers van de dienst en er staat altijd een extra bord klaar zodat je mee kunt eten. Sterker nog, schuif je niet aan dan is dat bijna beledigend.

Mijn schoonzus heeft geen gemakkelijk leven gehad, haar ouders overleden toen zij jong was en zij kwam bij een tante in huis te wonen. Veel inkomen was er niet om al die monden te voeden en van kleins af aan hielp zij mee op het land. Tijd om naar school te gaan was er niet. Na haar huwelijk bleek haar man aan een nierziekte te lijden. In een land waar gezondheid en sociale voorzieningen nog niet zo ver ontwikkeld waren als elders betekende dat voor haar vaak dat ze “alle eindjes aan elkaar moest knopen”. Later overleed haar man en stond ze alleen aan het hoofd van haar gezin maar ze heeft het gered! Haar kinderen zijn getrouwd, hebben beiden een goede baan en doen het goed in het leven.

Wat ben ik trots op haar. Zij is mijn voorbeeld! Een sterke vrouw, een eenvoudige vrouw, een ongeletterde vrouw. Zij leerde mij dat het in het leven gaat over het er voor elkaar zijn, klaar staan voor elkaar en de kracht bezitten om bereid te zijn het weinige dat je hebt te willen delen met die ander!

Wat ben ik blij dat ik mag zeggen dat ik familie van haar ben.

Trudie Pasterkamp

Trudie Pasterkamp

Trudie Pasterkamp | Zaterdagcolumnist per 9-2017 | Coach Rouwverwerking & Verlies | Praktijk ELBE | Gastcolumnist in zomer 2017

2 Reacties

  1. Emma Gaspersz-Duivestein
    9 september 2018 at 00:18

    Mooi geschreven Trudie! 🙏🏾

  2. Aad Rieken
    8 september 2018 at 08:15

    “Er-Do(or)-Ga(a)n…..,
    Ik Hou Van Holland!”