column nr 4

Zo’n twintig jaar geleden waren we aan het rondtrekken in West-Afrika. Met een oude Duitse legertruck. Zestien mensen waarvan 6 mensen met een lichamelijke en verstandelijke beperking. Op zich apart om dat te doen, want je komt voor situaties te staan die je niet van te voren kunt bedenken.

We stonden met onze tenten op een camping. Het was avond en donker. We hoorden in de verte gezang. – Zullen we daar naar toe gaan? In het donker! We gingen op pad en kwamen in een dorp waar een soort kerkdienst gehouden werd. Er waren misschien wel 100 mensen. Op het moment dat wij aankwamen, was de dienst afgelopen en alle mensen kwamen overeind. Daar stonden wij met onze verstandelijk gehandicapten tussen. Binnen een mum kwamen er een paar dorpsbewoners naar ons toe en zeiden: – Zullen wij jullie ons dorp laten zien?  – Ja hoor, dat is goed! Ze leidden ons weg van de drukte en gaven een soort sight seeing door het dorp. Dat was leuk.

Op een andere dag gingen we de grens over tussen Gambia en Senegal. Ze hebben in die contreien niet echt een douanekantoor. Het hele gedoe bestond uit een tafeltje midden op de weg waar een man achter zat. Wij moesten allemaal uitstappen en in optocht de man achter het tafeltje een handje geven. De chauffeur reed de truck 10 meter verder, zogezegd over de grens en daar konden wij weer instappen. Bij zo’n soort grenspost heb je echt geen bankgebouw waar je je geld om kunt wisselen. Je moet wachten op een rondreizende bankbediende en dat kan wel eens een paar dagen duren. In principe heb je al die tijd geen geld. We konden alles op de pof aan schaffen, want die mensen in het dorp wisten allang dat we op die bankbediende wachtten.

In het dorp werd me een baby’tje van een paar weekjes oud in de armen gedrukt. Uitgedroogd! – Tja, wat moet je met zo’n kindje. Ik heb een zakje mineralen met een beetje water aangelengd en het kindje daar een paar druppeltjes van gegeven. De borsten van de moeder waren hartstikke ontstoken. Daar kwam echt geen melk uit. Zolang die borsten niet zouden genezen, zou dat kindje geen voeding krijgen. Ik heb het kindje aan de moeder teruggeven in de wetenschap dat het niks zou worden.

Er was een meisje van een jaar of tien. Ze had een soort teenslippers aan. Of beter gezegd, dat wat er van over was. Ik spreek overal Nederlands, dat werkt het beste. Ik zei tegen dat meisje: – Pas de mijne eens! Mijn  slippers zaten bij het meisje als gegoten. – Houd ze maar! Het meisje huppelde weg. – Shit! Dat is dom! Nu heb ik geen schoenen meer aan mijn voeten.

Er was een man, die van lege bierblikjes een huis gebouwd had. Net zo als wij stenen op elkaar metselen had hij bierblikjes op elkaar geplakt. Echt een woonkamer en een paar slaapkamers. Ik denk wel dat hij die blikjes zelf leeg gedronken had, want hij was een beetje raar in zijn hoofd.

Sommigen van onze gehandicapten konden slecht spreken. Dat is in Afrika niet erg. Daar versta je toch niemand. Maar zij konden op hun manier wel met die mensen praten. Wij hadden vaak geen idee waar het over ging. Maar zij hadden samen met de bevolking het grootste plezier.

Onder ons brak een beetje buikloop uit. Dat is niet zo’n probleem. Er zijn geen toiletten. Je moet in het zand een putje met je schoen maken, daar doe je in wat je doen moet en schuift het putje met je schoen weer dicht. Het virus of welke boosdoener dan ook kan zich niet via het toilet verspreiden. Je moet wel genoeg blijven drinken.

In Nederland eet ik nooit haaienvinnensoep. Ik heb nog beelden op mijn netvlies hoe die vissen daar voor de kust gevangen werden. Ze sneden de vinnen van de vissen af en gooiden wat over bleef weer terug de zee in. En haaienvinnensoep wordt van kippenbouillon gemaakt. Maar dat weten die mensen daar niet.

Trouwens, ik heb een lijstje gemaakt van onderwerpen wat mensen hier in Maassluis bezig houdt

  • Het Marelplein – Bent u het met ons eens dat vanuit de marketing gedachte het Marelplein geen goede plek is voor het houden van de weekmarkt en deze plek buiten de natuurlijke traffic en kooproute valt? En nog veel meer!
  • Windmolens – De partijen zijn bang dat de hoge molens voor slagschaduw en geluidsoverlast zullen zorgen in Maassluis! En ook hier nog veel meer!
  • De uitbreiding van de Lidl aan het Westeinde – Dat stukje uitbouwen is dan zeker richting de woningen aan het Westeinde! Vrachtwagens nog dichter bij de huizen en ‘s morgens om 6 uur nog meer herrie!
  • Recreatiebootjes in de Noordvliet –  Het recent opgericht Comité Vlietbewoners vreest dat bij opening van de Monstersche Sluis toeristen met hun bootjes bij hen voor de woningen komen aanleggen.
  • Nieuw sportcomplex in Maassluis West onzinnig! – Enthousiaste plannen voor vernieuwingen roepen weerstand op, grote weerstand. Een inwoner van Maassluis doet een nuchtere analyse waarbij duidelijk wordt gesteld dat de plannen van de heren Gudde en Malipaard de juiste onderbouwing missen.

Ik zou zeggen: ga eens naar Afrika. Daar word je een ander mens van!

Marijke Tennant

Marijke Tennant

Marijke Tennant | Zondagcolumnist 1x4weken | Echtgenote, moeder, oma | Gepensioneerd hulpverlener | Bevlogen koorlid

6 Reacties

  1. Marja Gerkema
    23 juli 2018 at 11:14

    Ook ik ben in Afrika geweest, Kenia. De mensen zijn er blij en vrolijk, ook al hebben ze vaak weinig tot niets. Speelgoed bestaat uit zand en steentjes, schoolmateriaal is karig. Toch zijn velen tevreden. Daar kan de ‘ beschaafde’ wereld, zoals wij onszelf graag zien, nog heel veel van leren.
    Dan lijken onze problemen, of wat we als zodanig ervaren, triviaal en onzinnig. Maar het is wel onze leefwereld. We lopen er dagelijks tegenaan.
    Vergelijken is dus een beetje appels en peren vergelijken. Daar hebben ze hun problemen, wij hier de onze. Anders, maar wel net zo vervelend soms.
    Ik wens iedereen een fijne, zonnige, van Afrikaanse temperaturen voorziene dag.

    • Marijke Tennant
      23 juli 2018 at 11:32

      Je kunt inderdaad niet letterlijk het leven in Afrika vergelijken met het leven hier. Het gaat er om hoe we met de dingen omgaan!

  2. Marijke Tennant
    22 juli 2018 at 17:55

    En wie is Ton?

    • Ton van Arkelen
      23 juli 2018 at 11:28

      Ton van Arkelen

      • Marijke Tennant
        23 juli 2018 at 11:50

        Ja Ton, ik heb geleerd te relativeren. Onderscheid te maken wat belangrijk is en wat niet. En dan niet mezelf als middelpunt te stellen. Maar me af te vragen: Wat kan ik in deze situatie betekenen!

  3. Ton
    22 juli 2018 at 14:14

    En Marijke??…Gelukt om een ander mens te zijn?… Waarschijnlijk zit je nu net als ik in een redelijk koele kamer met internet tv en andere gemakken. Wij, hier dus maken ons druk of zorgen om dingen waarvan ze in Afrika nooit hebben gehoord maar wij leven nu eenmaal hier. Het is interresant om over de grenzen heen te kijken maar je mag/kan het nooit vergelijken, tenzij je hier ook in een rieten hutje leeft zonder toilet/douche/internet. Je zou ook eens een paar weken naar Mongolie moeten/kunnen gaan en kamperen in de Gobi woestijn. Daarna ben je weer blij bij terugkomst om te mogen mopperen dat de tandarts weer eens niet te bereiken is, of dat de Schakel te laat in de bus valt. Maassluis en mopperen..hoort nu eenmaal bij elkaar net als Maassluis en slapen. Een fijne warme zondag.