column nr 57

Meestal neem ik in een flat de trap als ik alleen ben. Waarom? Omdat het om te beginnen wel goed is voor mijn klapkuitjes. En daarbij voelen de meeste mensen zich verplicht om een praatje te maken in de lift. Hartstikke gezellig hoor maar ik heb geen zin om tegen iedere vreemde te moeten zeggen dat ik niet kan horen. Meestal ben je al boven of beneden en dan nog willen mensen weten over het hoe wat en waar. Interesse of nieuwsgierigheid?

Ik denk beide.

Maar laatst had ik dus echt geen zin om te lopen. Dus toch de lift maar. Wat een geluk, drie mensen in een klein hokje! Aardige man zegt wat tegen mij. Op hoop van zegen mompel ik mijn veelgebruikte hmm hmm, hopend dat dit antwoord afdoende is. Helaas! Meneer kijkt wat raar en hij en zeg nog iets. Waarschijnlijk kijk ik nu raar.

Meouw spij u eend howans?

Jawel ik spreek wel Hollands maar ik versta het niet. Althans zoiets denk ik te liplezen en de rest gok ik er maar bij. Een van de dames wacht op oogcontact en vraagt me of ik niet in aanmerking kom voor een implantaat. Jawel maar….

Zoals je begrijpt is de lift al lang en breed beneden en staan we er nog zeker een kwartier te praten. De dame die mij over een implantaat vroeg heeft hier ervaring mee. Haar man draagt er een. Ze nodigt me heel spontaan uit om met hem te praten. Zodat ik mijn vragen op hem af kan vuren. Eigenlijk omdat het mij overrompeld zeg ik ja en spreken af voor een moment over twee weken. Zesde etage nummer 181.

Dacht ik.

Twee weken later. Zesde etage. Geen nummer 181. Blijkt de vierde etage te moeten zijn. Zulke fratsen overgekomen mij zeer regelmatig dus verblik of verbloos ik niet meer van.

En zo zit ik met een alleraardigste man in gesprek. Een CI drager. Tijdens ons gesprek zegt hij niet één keer “He, wat, wat zeg je?” Ik ben jaloers, ik ben gesloopt van de inspanning van het liplezen. Hij heeft nergens last van.

Ik ging altijd schuil achter het feit dat eerst mijn kindjes wat groter moesten zijn en dat ik het beetje wat ik nog hoorde wilde ik behouden. Dat laatste vervalt namelijk door een CI. Maar nu zijn mijn kindjes groot. Door hun continurooster kan ik revalideren na de ingreep. En het beetje wat ik nog hoorde is op rechts weg en links nog maar 10% dus tja…… wat houdt mij tegen?

Ik denk: niks.

Ik heb besloten weer eens contact met het ziekenhuis op te nemen. Na mijn huwelijksdag. Zie je: ik ga nu alweer uitstellen maar nee, in dit geval, geen afstel.

Eens kijken of ik überhaupt nog in aanmerking kom. Ik ben positief!

Volgende week zaterdag de column door

Paula Korpershoek


 


 

Esther Franken

Esther Franken

Esther Franken | Columnist vanaf februari 2016 | Copywriter | Persoonlijk Begeleider van Lichamelijk gehandicapten |

2 Reacties

  1. Tamara Kaffa
    1 oktober 2018 at 11:38

    van afstel komt uitstel!! lieve es ik zeg DOEN!!! je bent een prachtig mooie vrouw met een hart van goud. en lekker eigenwijs.
    en als je weer kan horen , en kan luisteren naar je kids , mooiste wat er is😍💋💋

  2. Marga Jansen- Wijnhorst
    30 september 2018 at 13:16

    Hoi Esther wel doorzetten hoor!
    Begin het Nieuwe jaar….getrouwd en wel goed!!
    Ik wens je alles wat wenselijk is en een goed gehoor lijkt mij prachtig!
    Liefs Marga.