Zo af en toe zie je op Twitter of Facebook reacties van mensen die mogelijk niet goed in hun vel zitten. Ze reageren dan niet zakelijk, maar met een van uitroeptekens voorziene kreet: ‘Azijnpisser!!!’

Ik heb wel eens per ongeluk een slok azijn gedronken en ik kan u verzekeren dat het net zo beroerd smaakt als wijn die veel te lang heeft bloot gestaan aan zuurstof. Je krijg er een “zure bek” van en je trekt een “zuinig mondje”. Waar komt het woord eigenlijk vandaan? Het is een leenwoord uit het Frans (pisse vinaigre) en een ethymologisch woordenboek van F.A. Stoet uit 1923 zegt daarover:

Het is ook wel iemand die men een haarklover noemt, die een haar klooft, vaneen splijt, doch in figuurlijke zin, iemand, die beuzelachtige onderscheidingen maakt, nietige verschillen wil opmerken, een muggezifter, een vitter, een gortenteller, zemelknooper

Kennelijk werd er toentertijd iemand bedoeld die zich druk maakt over onbelangrijke dingen We kennen nog veel meer uitdrukkingen die daarover gaan. Denk maar eens aan: chagerijn, sikkeneur, zeurkous, zuurpruim, mierenneuker, op-alle-slakken-zout-legger, zwartkijker, negatieveling, criticaster, bedilal, kommaneuker, pietlut, raisonneur, scherpslijper,  enzovoort. De Nederlanders hebben wel heel veel woorden om zich tegen een ander af te zetten over een bagatel, een futiliteit.

Over kritiek gesproken. Nu ik er zo over schrijf, besef ik ineens dat er afgelopen week iemand viel over een schrijffout in mijn column (een ‘t’ waar die niet hoort) en een ander vond dat ik in een column veel te negatief was over de toekomst van Maassluis en daarom een azijnpisser ben. Dat zijn er verdraaid al twee. Twee! Dat is best veel!

Ik geloof dat ik mij grote zorgen moet gaan maken… of ben ík nu te pietluttig?

Jelle Ravestein

Jelle Ravestein

Columnist | Schrijver | Stadsdichter van Maassluis 9/2018- 9/2020 | Dichter | Poëziecafé Woordkunst | Mensenslijper | Aan de andere kant | Business Consultant | Boomredder | Spindoctor | Ethicus | Moralist | Zoeker | Mens

7 Reacties

  1. jan buijsse
    14 juli 2014 at 20:46

    Wat te denken van ‘droefneus’?

  2. Thijs Rijnberg
    14 juli 2014 at 14:20

    Grappig dat als je iemand attendeert op een taalfout dat je dan een azijnpisser bent…..

    • 14 juli 2014 at 18:57

      Het grappige is dat de eerste persoon dus niets had op te merken over de inhoud van de column.
      De tweede wel maar die had kennelijk de slotzin niet gelezen waarin een positief wens staat. Zoek maar eens op ‘Last Tango’

      Overigens: Af en toe zijn wij allemaal een ‘CH3-COOH urineur’

      he ik weet er nog een: kniesoor 😉

  3. 14 juli 2014 at 13:34

    Ik stel voor dat we zemelknoper weer terug in het leven roepen. Enne… Als je azijn drinkt…. dan moet het er ook weer uit. Wat is trouwens het antoniem van azijnpisser?

    • 14 juli 2014 at 19:02

      ik vrees dat er geen echt antoniem is. Kennelijk is NL niet zo ingesteld op een etiket voor ‘ik-vind-alles-goed’.
      Of wacht: wat dacht je van ‘Weerhaan’?

      Mocht je – zoals ik als observator van de psyche van groepsprocessen – weleens naar Utopia kijken, dan heb ik nog een kandidaat:
      Je bent een ‘Billy’.

  4. Levina Levja
    14 juli 2014 at 10:16

    Zemelknooper! Geweldig woord.

  5. 14 juli 2014 at 09:18

    Heerlijke column, ik heb genoten van al die synoniemen! Veel bekende, maar ook minder bekende. Wie een ander meent een azijnpisser te moeten noemen, plast zelf niet ver van de boom. Of ben ik weer aan het muggenziften?