1

Wist JIJ dat? Is er een definitie van een column .....(klik op plusteken)
  Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van 't Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten. Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia

Column nr: 12

‘We zouden naar Sicilië en zitten nu in Appelscha!’. Het kan verkeren…

Ik heb mijn schoonzus aan de lijn. Ze is docente op het Voortgezet Onderwijs en is een weekje weg. Neergestreken in een huisje in het Noorden van ons land. Na een heel vreemde en intensieve periode, alternatieve examens en creatieve diploma-uitreikingen welke gepaard gingen met veel emotie is het nu hoog tijd voor ontspanning. ‘We doen vooral veel spelletjes. We zijn een dagje gaan liggen aan het Blauwe Meer (onze ‘Blue Lagoon’). Ja, daar is niks hoor. Een wc, een vuilnisbak, een klein zandstrandje en een kiosk.
That’s it. We hadden onze eigen koelbox maar meegenomen. Gisteren een dagje thuis en ‘s avonds gourmetten met de hele bende; nog gezellig ook! En spelletjes dus. Veel spelletjes. Een zelfgemaakte muziekkwis. Lachen… Een dagje varen in Friesland. Je bent er zo- binnen het uur!’.

Ik vertel haar van onze plannen. Ook wij gaan op vakantie, in diezelfde omgeving. Eerst in een huisje en later nog een weekje varen. Met zijn vijven overnachten op een klein motorjacht. Niet eens een vaarbewijs voor nodig. Wij boffen ècht, aldus mijn schoonzus. Toen zij ging kijken naar een bootje was alles al weg. Niets meer over. Alles verhuurd.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik er naar uit zie. Normaal gesproken zouden we naar het buitenland gaan. Ander eten, een andere taal. Gelukkig is het Fries ook onverstaanbaar dus dat scheelt weer ; ) Grappig hoe we hierover spreken; met een mengeling van spot en verwondering. Zelfspot om het grote jaren ‘70 gehalte van onze activiteiten (‘kaasfondue hoort er eigenlijk ook wel bij.. en Bingo; met èchte prijzen’) maar ook verwondering (‘die pubers zijn flexibel joh. Je stopt ze in een kano en je heb er geen kind aan…’).

Het stemt wel tot denken. Wat heeft een mens nodig. Wat hebben wij ervan gemaakt? Onlangs ging het over traktaties. Een heel gedoe in Coronatijd. Wel of niet trakteren. Wel of niet verpakt.

Vroeger ging het anders. Dan mocht ik van mijn moeder naar de Spar. Daar kon je (Oud-Hollandsch) snoep kopen. Voor 5 of 10 cent en kiezen maar. Een dropveter. Een muis. Een dubbele kers. Die kon je leuk in je oren hangen : ) Ik mocht ongeveer 30 snoepjes scheppen. Die gingen dan thuis op een grote schaal. Plastic folie er over en klaar is Kees. In de klas werd er gezongen, ging ik rond en nam iedereen een snoepje van de schaal. Tegenwoordig zijn het bekers. Vol. Snoep. Na een operatie kreeg je een Prikkebeen of zo’n roomijsje met onderin een (harde, oude) kauwgombal.
Geweldig was dat. Als wij ijsjes kochten hoorde ik mijn moeder zeggen; ‘Ja, je mag zelf kiezen, maar.. van de onderste rij’. Met zes kinderen bleef de keuze beperkt: een raketje, perenijsje of sinasplit. Het maakte ons niet uit want wij kregen ijs! Stuk voor stuk parels. In mijn hoofd.

Gisteren liep ik langs de Waterweg. Mijn dochter van 10 jaar liep met me mee. De zonscheen op het water. Het schitterde zo mooi. Wat waren er ook veel zwanen.
Allemaal op zoek naar voedsel. Met de kopjes omlaag. Zo mooi. De wind
waaide door onze haren. Het was helemaal niet zo druk. Onderweg plukten we bloemetjes van onkruid langs de kant. Sneeuwwitte kelkjes met fluweelzachte, flinterdunne blaadjes. Je zou het haast geen onkruid noemen,
zo mooi! Dochterlief zet de bloem als een klokje op haar neus en ademt in. De blaadjes trekken vacuum en flappen zo haar neus in! Een tinkelende schaterlach. De zon schijnt op het water en ik weet het nu. We kweken parels. Iedere dag. Ook hier. En ook nu.

Reageren? ... Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum]

⊗——het einde ——⊗

◄ klik op de plus voor het schema WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 200 lezers

WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

Bekijk in LANDSCAPE stand (kantel uw portrait stand ) voor een goede weergave

Christel van Berkel

Christel van Berkel

CHRISTEL VAN BERKEL-VERLAAN | Columiste 1x per maand
Chaotische huisvrouw met ADD | Gepassioneerd zangeres en dirigente |
Gezegende vrouw van Arij | Liefdevolle moeder van Siri, Evi & Isaak