column nr: 233

Leest u ook meer de laatste tijd? Ik ook, het prachtige weer nodigt dan ook uit om weer eens een lekker boek uit te zoeken en je daarmee in de zon of op de bank te nestelen. Persoonlijk lees ik veel poëzie en de laatste tijd is me iets opgevallen. Veel van de hedendaagse dichters schrijven poëzie in prozavorm. Verhalende poëzie alsof het een novelle of mini roman betreft.

Zelf ben ik van de school die in een gedicht een verhaal in verdichte vorm ziet. Of anders gezegd, in een beperkt aantal regels speel je met de taal waardoor je een verhaal in verdichte vorm weergeeft. Een voorbeeld van Judith Herzberg geeft precies aan wat ik bedoel.

Vraag

Hoe is dat zo gekomen

Van altijd blijven slapen

Tot nooit meer willen zien?

In drie zinnen schept Herzberg hier een situatie waaraan een romanschrijver zomaar 400 bladzijden zou kunnen wijden. Dat is voor mij poëzie. Een ander voorbeeld is het volgende gedicht van mijn hand:

In een notendop

Het zaadje dat ik plantte

En zorgvuldig water gaf

Groeit nu naar de zon toe

Maar steeds verder van mij af.

Opnieuw een situatie waar je gelijk een beeld of idee bij hebt. En het mooie van poëzie is dat als je vraagt aan tien willekeurige mensen waarover een gedicht gaat, de kans heel groot is dat je tien verschillende antwoorden krijgt. Ook dat is de kracht van poëzie, van de verbeeldende kracht van poëzie. Hedendaagse dichters hebben soms de neiging hun gedichten verhalend te laten zijn waarmee ze, voor mijn idee, al heel veel weggeven en invullen en daarmee de creativiteit van de lezer veel minder aanspreken.

En het is niet alleen van deze tijd, ook vroeger waren er dichters die lange gedichten schreven. Maar ook schrijvers die juist vaak korte gedichten schreven alsof ze zichzelf wilde dwingen om met minder woorden meer te zeggen. Hoe het ook zij, voor elke lezer is er iets van zijn of haar gading. In poëzie en in proza. Ik wens u veel leesplezier toe.


Reageren? ... Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum]

⊗——het einde ——⊗

◄ klik op de plus voor het schema WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 186 lezers

WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

Bekijk in LANDSCAPE stand (kantel uw portrait stand ) voor een goede weergave

Wouter vHeiningen

Wouter vHeiningen

Vrijdagcolumnist sedert juli 2013 | Directeur Bibliotheek De Plataan voor Maassluis, Vlaardingen & Midden-Delfland| Bestuurslid van Nationaal Documentatiecentrum Maarten ’t Hart en stichting Ongehoord!

1 Reactie

  1. Aad Rieken
    10 april 2020 at 09:48

    “Een Gedicht Hoeft Niet Te Rijmen,

    Maar een rijm kan ook wel dichten,
    ………Of Openen Zoals U Wilt!”………