column nr: 279

In de horeca krijg je een menu aangeboden waaruit je kunt kiezen om een maaltijd samen te stellen. Flexibel en er zit voor iedereen wel wat bij. Deze column heeft echter niets met de horeca te maken. Mijn verhaal gaat veel verder en ik hoop dat de lezer meedenkt.

We zijn sinds de jaren tachtig op diverse andere terreinen ook geconfronteerd met ditzelfde keuzeprincipe. Zo zijn er veel bedrijven die hun arbeidsvoorwaarden systeem op die wijze hebben ingericht, het zogeheten cafetaria model. Werknemers kunnen hun arbeidsvoorwaardenpakket (deels) zelf samenstellen. Het werd populair in de jaren tachtig van de vorige eeuw toen diverse bedrijfstakken probeerden zichzelf steeds aantrekkelijker te profileren op de arbeidsmarkt.

Daar is later bijgekomen dat er steeds meer parttime werknemers zijn. Het negatieve effect daarvan zie je terug in de feitelijk verminderde beschikbaarheid en betrokkenheid. Ik heb die verandering zien optreden in de 45 jaar waarin ik in opdrachten voor het bedrijfsleven en de overheid heb gewerkt.

Een bedrijfstak die daar ook sterk onder lijdt is het (basis)onderwijs. De feitelijk onaantrekkelijkheid van het vak en de grote toename in parttime leerkrachten zet het onderwijs zwaar onder druk. De strakke budgetten maken het bijna onmogelijk om snel te reageren op vragen die er liggen bij kinderen die niet de gemiddelde leer- en ontwikkelcurve volgen. De aanpak van problemen raakt op de lange baan, waarbij het kind de dupe is. Geld, beschikbaarheid en betrokkenheid vormen daar een groot probleem.

De zorg worstelt navenant.

Geld, beschikbaarheid en betrokkenheid vormen ook daar een probleem. Het cafetariamodel lijkt op het eerste oog een geslaagd concept. Dus werd het door de overheid – die kopieert alles wat in het bedrijfsleven enigszins succesvol is – toegepast. Het cafetariamodel is ook toegepast door de diverse ziektekosten verzekeraars. “Kies maar waartegen u zich wilt verzekeren.” We worden echter door de vele regeltjes en voorwaarden het bos ingestuurd.

Een ander gekopieerd gedrocht is de verregaande decentralisatie. De landelijke overheid heeft eind jaren tachtig een idee omarmt van toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Ien Dales (PvdA). Zij wilde de centrale overheid – het ambtenarenapparaat op landelijke niveau – klein maken. Centraal werd voortaan de regelgeving opgesteld en budgetten bepaald en vrijgemaakt. De uitvoering moest voortaan op plaatselijk (soms provinciaal) niveau ofwel door het ambtenarenapparaat per stad plaatsvinden. Een van de hoofdargumenten was “een loket dicht bij de burger”.

De regering kan zich sindsdien beroemen op een relatief klein ambtenarenapparaat, maar lokaal zit men met de problemen opgezadeld. Voor een deel wordt het complexe proces en de grote hoeveelheid werk opgevangen door de verregaande digitalisering maar daarmee is de afstand tot de burger juist vergroot.

Omdat niet elke stad alle expertise in huis wil / kan hebben, ontstonden daardoor weer samenwerkingsverbanden tussen gemeenten. Denk daarbij aan MVS Stroomopwaarts.

 

Vanaf 2015 is de ellende alleen maar groter geworden. De uitvoering van de wet op de Wmo en de wet op de Jeugdzorg leiden dag na dag tot excessen. De GGZ worstelt met de problematiek van vrij rondlopende verwarde personen terwijl de GGZ instellingen zelf aan de moordende leiband van de strakke regels van de toezichthouder klem lopen. Ze hebben per cliënt een casemanager – iedere cliënt is inmiddels dus een case – met een heel team ter ondersteuning. De expertise, bereikbaarheid en beschikbaarheid is echter in veel gevallen (cases) niet toereikend en daardoor gaat het regelmatig mis. Ik heb dit de afgelopen vijf jaar zelf in de praktijk bij een GGZ instelling bergafwaarts zien gaan.

Als laatste punt verwijs ik naar de zorgvragers (senior en junior) die slecht worden geholpen. Een lokale instantie als VraagRaak hoort een ‘casemanager’ te hebben die het geheel overziet en die als aanspreekpunt voor de cliënt ruim beschikbaar is, bijna op afroep … De praktijk is 180 graden anders. “Don’t call us, we’ll call you” en “U moet bij het andere loket zijn”.

Samenvattend stel ik dat op heel veel terreinen de keuzestress vanwege het cafetariamodel gecombineerd met de slechte beschikbaarheid en betrokkenheid van de experts op plaatselijk niveau bijdraagt ten negatieve aan ons aller welbevinden. Met alle gevolgen van dien.

Is er nog hoop dat deze mislukkingen kunnen worden bijgesteld? Ik vrees dat het allemaal een kwestie van geld is, veel geld. Het zal iedereen meer kosten. We hebben feitelijk veel meer mensen nodig, budgetten (zorg, onderwijs, etc.) moeten omhoog, regelingen versoepeld en processen versneld. Al dat geld kan alleen worden opgehoest via hogere belastingen wat weer zal leiden tot druk op overheid en bedrijfsleven om ons salaris te verhogen. Wat weer tot inflatie zal leiden. En dat zijn zaken waaraan niet wordt meegewerkt door kabinetten die onder één hoedje spelen met multinationals en het braafste jongetje van Europa willen spelen.

We zullen de ellende moeten accepteren … of zal een stevig tegengeluid op 23 mei een middel zijn om dit drama te beëindigen?

 

Jelle Ravestein

Jelle Ravestein

Maandagcolumnist | Schrijver | Stadsdichter van Maassluis per 9/2018 | Dichter | Poëziecafé Woordkunst | Mensenslijper | Gespreksleider Themacafé Bibliotheek MM | Aan de andere kant | Business Consultant | Boomridder | Spindoctor | Ethicus | Moralist | Zoeker

8 Reacties

  1. Leny muchall
    27 mei 2019 at 18:24

    Een aantal jaar geleden is alles kapot bezuinigd. Zowel in de zorg als in het onderwijs. Daar plukt men nu de vruchten van. Alles valt in duigen en niets klopt meer. Nu moet er veel geld bij, veel meer dan bezuinigd is, om alles weer in orde te krijgen. En nu? Er wordt verder getob.

  2. Leo van der Wel
    13 mei 2019 at 12:07

    Met geld alleen gaan dit soort problemen niet opgelost worden. Het zal gekoppeld moeten gaan met verantwoordelijkheid nemen en krijgen: Hoeveel tijd ben ik bezig met het realiseren van oplossingen en hoeveel met uitleggen waarom ik iets niet kan doen of met het invullen van managementlijstjes? Van de EU hoeven we geen oplossingen te verwachten zolang die druk zijn met hun tweewekelijkse verhuizing.

  3. Henk van Woerden
    13 mei 2019 at 08:35

    Het heeft weinig met cafetaria’s te maken maar wel alles met de participatie wet uit 2015. Toen heeft onze landelijke overheid bedacht dat ze zes miljard konden bezuinigen door de gemeenten met allerlei taken op te zadelen. O.a. sociale werkplaatsen moesten worden gesloten, de thuiszorg moest via keukentafel gesprekken worden afgebouwd en bijvoorbeeld de jeugdzorg werd een taak van de gemeente. En omdat de gemeenten het vast veel efficiënter konden werd er een bezuiniging van 30% overheen gelegd. Nu komt Maassluis twee miljoen tekort alleen al voor jeugdzorg. Raar hoor.

    23 mei zijn er Europese verkiezingen. Dat heeft niets met de aso bezuinigingen van het vorige liberale kabinet te maken maar is wel een mogelijkheid om Europa groener en socialer te maken. GroenLinks dus!

    • 13 mei 2019 at 10:35

      cafetaria systeem: een mens moet uit tig hulpinstanties kiezen, die vervolgens ook nog eens langs elkaar heen werken of doorverwijzen. Praat eens met zorgvragers.

      Waar je dat groen ineens vandaan haalt? Groen als in de partijkleur van CDA of van D66??? Of groen in de zin van milieu? Wat bedoel je met Groen Europa. Is de zorgsector tegenwoordig ook al onderhevig aan groen ?

      • Henk van Woerden
        14 mei 2019 at 08:55

        Wat u benoemt als cafetariasysteem heeft niets met Europa of met de verkiezingen van 23-5 te maken.

        Verder deel ik uw zorgen over de gebrekkige manier waarmee de zorginstellingen na de bezuinigingen zijn gaan werken. Maar dat is dus in ons eigen land, dat is ons eigen Vraagraak en Stroomopwaarts enzo, dat hebben we zelf laten gebeuren.
        Dat komt uit “Den Haag” en niet vanuit Brussel.

        Een manier die volgende week beschikbaar is en waarmee iedereen zijn mening kenbaar kan maken is door te stemmen op een partij die sociaal is en waarmee we met z’n allen van de brokstukken weer wat moois kunnen bouwen.

        Europa gaat niet over de zorg in Nederland maar zou meer moeten doen aan grensoverschrijdende problemen zoals het klimaat en de biodiversiteit.
        En dan kom je vanzelf bij GroenLinks.

  4. Hans de Bruin
    13 mei 2019 at 08:31

    Tja, en dan te bedenken dat dit kabinet over 2018 een overschot op de rekening had van € 11 miljard. Er is dus wel degelijk geld maar dat wordt aan de verkeerde dingen besteed. Gemeenten zitten met de lasten voor de Wmo, Jeugdwet en de Participatiewet en krijgen er nauwelijks iets bij.
    Misschien dus dat het goed is om op verstandige partijen te stemmen op 23 mei die wel staan voor een zekere toekomst van ons allemaal.

  5. Marja Gerkema
    13 mei 2019 at 08:27

    En het grote toverwoord was en is: bezuiniging.
    Overigens zijn een hoop parttime werknemers echt wel heel betrokken en werken vaak meer uren dan waar voor ze betaald worden…..

    • 13 mei 2019 at 10:31

      Extra werken: welke leeftijdscategorie van parttimers? Niet de werkende moeders, die kunnen geen minuut langer werken want de kids … En hun gedrag wordt door collega parttimers gekopieerd (“je verwacht toch zeker niet dat ik wel en zij niet …?”)