Wist JIJ dat? Is er een definitie van een column .....(klik op plusteken)
  Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van 't Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten. Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia


column nr: 52

Maart: ik ben helemaal enthousiast. We moeten online. In zekere zin voor mij een voordeel, omdat ik het jaar ervoor al was gestart met online werken. Ik was al op onderzoek en had de microfoon en belichting al klaar. De basis stond, zeg maar. Toch zat ik uiteindelijk nog menig avondje op de bank uit te vogelen welk programma (Zoom, Skype, Teams) het lekkerst zou zijn en hoe dat aanmelden en uitnodigen werkt. Na een week getob kies ik voor Zoom. Jammer, want alle scholen waarmee ik samenwerk, kiezen voor Teams. En dus moet ik dubbel.

April: Na wat weken rommelen met werkvormen, zit ik er aardig in. Naar de leerlingen presenteer ik deze manier van werken als ‘nieuw avontuur’. Zo voel ik het ook. Om me heen hoor ik mensen mopperen over de lockdown, maar ikzelf vind het heerlijk. Geen gehaast meer van school naar school, maar hooguit heen en weer naar de keuken voor een vers bakkie. Inmiddels begint het online lessen qua werkvormen ook te wennen; het inloggen gaat al soepeler en ik heb manieren gevonden waarop niet een hele groep op één leerling zit te wachten. Dat was in het begin nog wel een uitdaging. Want ineens lijkt nadenken heel lang te duren, gek genoeg. Dus nu kies ik voor snellere werkvormen zoals: timer zetten en daarna allemaal je antwoord (kort) presenteren en vergelijken, online whiteboard (ik vind die van microsoft het fijnst) gebruiken om uitleg direct te demonstreren, energizers voor tussendoor, quizjes, afwisselen van instructie en zelfstandig verwerken of het werken met break out-rooms.

Mei: Hoera, we mogen weer mondjesmaat open! En dan voel je ineens hoe je je leerlingen en het live contact hebt gemist! Wat een heerlijkheid als je ze weer ziet, hoort én knuffelt.

September: Ik begin met een mengelmoes van online en live. Live vind ik veel prettiger, maar omdat de scholen (MBO) maar 50% geopend zijn, moet ik toch vaak via beeldscherm begeleiden. Ik ben nu in de positie van Begeleider passend onderwijs gerold en zit hele dagen in een kantoortje. Nu merk ik dat, als je nieuwe leerlingen moet leren kennen, de informatie via het beeldscherm veel minder goed ‘binnenkomt’.

Herkenbaar? Hoe hard je ook je best doet, gezicht versus naam slijt er veel minder goed in. Ik merk dat ik daardoor de grootste moeite heb om overzicht te houden en daarmee de kwaliteit van de begeleiding hoog te houden. Het opbouwen van een band is veel lastiger nu en dat vind ik wel een voorwaarde voor een goede begeleiding. De leerlingen mopperen. Ik hoor veel verhalen over minimale instructielessen en veel zelfstudie.

Hoe zit dat, vakgenoten? Er begint een digitale vermoeidheid op te treden. Zo af en toe tref ik zelfs een leerling die vanuit bed online komt. Eh, nee, dát is me iets te frivool! Ga je eerst maar even aankleden dan!

Oktober tot december: Het nieuwtje van online werken is er wel vanaf. Ik-vind-er-geen-klap-meer-an. Niks avontuur, gewoon ploeteren. Daar zit je dan: op kantoor achter een beeldscherm. De leerlingen die toch zelf komen, leer ik veel intensiever kennen. Dat live werken was zo gek nog niet. Ik kom terug op mijn eerdere ‘online is geweldig’-mening. We krijgen een groter-dan-normale aanwas van leerlingen die het niet zien zitten en moe zijn. Het is als waden door modder. We houden allemaal dapper stand, maar ‘het houdt niet over’. Voordeel: de vergaderingen zijn een stuk efficiënter! We zijn ineens een half uur of uur eerder klaar. Alle chit-chat die normaal tijd opslokt, is eruit.

Hoppa, puntsgewijs de agenda door en klaar.

Online is nu ook veel meer mogelijk. Allerhande programma’s zijn ontwikkeld. Paglet bijvoorbeeld. Ook zit ik te puzzelen op een virtueel klaslokaal. Het houdt de energie erin, want ik merk dat ‘hele dagen beeldscherm’ er flink inhakt. Vier uur online praten is een flinke energievreter. Ik moet veel energie steken in het energieniveau van de les; het tempo en de interesse dreigt er snel uit te druppelen. En: Er moet af en toe even een huppeltje door de gang worden gemaakt.

Even bewegen, hoor èn als het kan een beetje gek doen. Wiebel-wiebeldansje bij de printer.

Januari: Een nieuwe uitdaging! Hoewel ik pedagoog ben én een lesbevoegdheid heb, ga ik alsnog de pabo doen. De meeste (basis)scholen vragen daar tenslotte om en ik mis het lesgeven en ‘de groep’. Kantoor uit, lokaal in; ik sta te trappelen. Toch weer een nieuw live avontuur?

Reageren? ... Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum]

⊗——het einde ——⊗

◄ klik op de plus voor het schema WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 133 lezers

WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

Bekijk in LANDSCAPE stand (kantel uw portrait stand ) voor een goede weergave

Cindy van der Houven

Cindy van der Houven

Cindy van der Houven | Pedagoog en docent | Woensdagcolumnist 1x 4 weken | Coachingbureau Cindy | Stichting Feniks |