column nr: 70

Lezen is kilometers maken. Iets wat ik van huis uit heb meegekregen. Elke avond voor het slapen gaan las ik mijn ouders voor. Goed om het niveau bij te houden en ook nog eens gezellig met mama of papa in bed. Al vervloekte ik het vroeger met enige regelmaat, nu denk ik er met weemoed aan terug. Gelukkig is mijn dochter een echte boekenwurm en is het “oorlog” als we door tijdgebrek een keer niet kunnen lezen. Die strijd hoef ik dus gelukkig nooit aan te gaan met haar.

Hoe anders is dat met de tafels leren… Moedeloos word ik ervan. Elke dag vijf minuten oefenen staat gelijk aan eerst een uur discussiëren. “Waarom moet ik ze oefenen? Ik ken ze al! Ik wil niet. Geen zin. Waarom? Later! Niet nuuhuu….” Elke dag opnieuw. En het is niet dat ik veel van haar vraag. Elke dag, maximaal vijf minuten even de tafels doornemen. Ze leert ook nog eens heel makkelijk, dus na twee of drie keer oefenen is het voor haar slechts het herhalen van de sommen.

Want ook bij de tafels heb ik vroeger meegekregen dat het een kwestie is van oefenen, oefenen en nog eens oefenen. Stampen tot je een ons weegt. Ze schiet er niets mee op als ze die dingen in haar hoofd stampt voor een, om ze vervolgens weer net zo snel te vergeten. De tafels liggen aan de basis van het rekenen. Die heeft ze haar hele leven nodig. Zodat ze later niet, bij de kassa, in blinde paniek om zich heen hoeft te kijken wanneer de klant vraagt of ze er tien cent bij wil hebben. Investeer nu vijf minuten per dag en je hebt er je hele leven profijt van! Probeer dat maar eens over te brengen naar een zevenjarige. Hopeloos! Zelfs nu ik dit schrijf is ze aan het ontwijken. Al bijna een half uur zit ze op de wc roepend dat ze erna vast geen tijd meer heeft om te oefenen. Blijkt maar weer dat klokkijken haar toch echt iets minder gemakkelijk afgaat.

Al roep ik uit frustratie weleens dat ze het dan zelf maar uit moet zoeken, ik blijf het toch proberen. Hopend dat het kwartje een keer gaat vallen. Dat ze doorkrijgt dat ik het echt niet doe om haar te pesten. Zou het hier om aardrijkskunde gaan, dan was ik de strijd echt niet aangegaan. Dan maar een slecht cijfer. Daar “voel” je later niets meer van. Want wat dat betreft loopt het onderwijssysteem in mijn optiek vreselijk achter. We leven nu in een maatschappij waarbij het belangrijk is dat je weet hoe je iets op kunt zoeken. Niet hoe je moeiteloos allerlei dingen op kunt dreunen. Mij hoef je ook niet meer te vragen waar Krommenie ligt of welke rivier je oversteekt als je van Groningen naar Amsterdam gaat. Als ik dat wil weten kijk ik wel op het internet. Technologie is er niet voor niets.

Of het aan elkaar schrijven. Iets wat ik nooit heb begrepen. Een traditie die stamt uit de tijd van de kroontjespennen en krijtborden. Een achterhaalde methode die eerder frustratie opwekt dan stimuleert om te gaan schrijven. Niet voor niets stopt de ene na de andere school ermee. Met de grootste moeite produceer je een soort onleesbare hanenpoten die geen mens kan ontcijferen. Om vervolgens, in de hogere groepen, dat gekrabbel achter je te laten om in blokletters eindelijk iets leesbaars te produceren. Daar ga ik dus geen oorlog voor voeren met mijn kind. Dat ze dat op school moet doen, prima. Alleen ga ik daar thuis geen energie in steken.

Maar voor de tafels ga ik die strijd dus nog wel aan. Om straks de dag heerlijk af te sluiten met een verhaaltje op bed. Eens kijken of ik dit keer mijn ogen wel open kan houden terwijl dochterlief een nieuw spannend verhaal vertelt.


⊗——het einde ——⊗

WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

Bekijk in LANDSCAPE stand (kantel uw portrait stand ) voor een goede weergave

Helga de Lelij

Helga de Lelij

Helga de Lelij│ Maandagcolumnist per 7/2017 │ Vrouw met kind en manloos huishouden │ Levensgenieter │ Blogger bij Love2bemama, FleurFlirt en Ik ben Helga │ HRM’er bij Tedecon │ studerend │ Hard voor weinig en altijd… Ehm nooit.. Ehm dat dus!