Corinne en Jelle hebben voor één keer van plaats gewisseld. Morgen dus de column van Corinne.

Ik rijd er nog eens één dood. Ja ik meen het! En ik kan daar dan waarschijnlijk helemaal niets aan doen, hoewel het mij de rest van mijn leven zal achtervolgen. Alsof ik een crimineel ben.

Merkt u het ook? Vanaf het weekend waarin de wintertijd is ingegaan, is het weer levensgevaarlijk op de weg. U wilt niet weten hoeveel keer ik binnen een week bijna een fietser geschept heb. Ze rijden onverlicht, stuk voor stuk, allemaal. Ik zou het nog enigszins accepteren als ze hun rijgedrag erop afstemmen, maar helaas rijden die fietsers met ware doodsverachting over de weg.

Fietsers zijn per definitie tegendraads en vinden dat ze de hele wereld aan kunnen en dat ‘risicovol rijgedrag’ nooit op henzelf van toepassing is. Hun veel gehoorde argumentatie “ík heb nooit problemen in het donker”, is een redenatie die geen hout snijdt, maar wel als dooddoener wordt gehanteerd.

Mijn vader zaliger zou zeggen:

Wat heb je eraan als je bij Petrus aan de hemelpoort moet zeggen “En toch had ik voorrang!”

Ik vrees de dag dat er één via mijn motorkap over de Westlandseweg zal caramboleren om daarna fataal contact met het asfalt te maken.

Het is makkelijk roepen dat dit rijgedrag niet goed is, maar het is slechts een topje van de ijsberg. De oorzaak van dit probleem ligt namelijk elders. Allereerst is de controle op functionerende verlichting van (brom)rijwielen een sporadisch verschijnsel. Vroeger werd je door oom agent van de weg geplukt. Daarnaast wordt het onderscheid tussen ‘mijn’ en ‘dijn’ steeds minder toegepast. Regelmatig wordt een fiets gemold: lekke banden, kapot getrapte verlichting. Dan weer lees je dat dure elektrisch aangedreven exemplaren zijn ontvreemd en in de greppel bij Avonturis worden gedropt. Dan weer een gloednieuwe damesfiets gestolen bij station Maassluis-West. Men waagt het zelfs om speciale exemplaren met dubbele kinderzitjes uit voortuinen te ontvreemden.

De kans is dus zeer groot dat zo’n gestolen fiets onverlicht plotseling voor mijn koplampen opduikt. Gestolen en bereden door een fietsendief. ‘Ik rijd er nog eens één dood’. Het klinkt plots heel anders…


Jelle Ravestein

Jelle Ravestein

Columnist | Schrijver | Dichter | Poëziecafé Woordkunst | Mensenslijper | Aan de andere kant | Business Consultant | Boomredder | Spindoctor | Ethicus | Moralist | Zoeker | Mens | voormalig Stadsdichter van Maassluis |
■ Wie dichters, schrijvers en columnisten wil corrigeren, heeft nog veel te leren ■

2 Reacties

  1. 3 november 2014 at 14:34

    F-I-E-T-S-E-N…”V-E-R-L-I-C-H-T”
    Geen schrijvers aan en op de kust,
    ze hielden zeker Zondagsrust.
    Of zaten ze in woorden-nood,
    en hadden ”broertje er aan dood”.

  2. 3 november 2014 at 10:06

    Ook een van mijn ergernissen, fietsers zondet licht 🙁