Ik loop op deze maandag op mijn gemak door het stadshart. Vandaag heb ik mijn wandelstok weer bij de hand, want met de toenemende kou gaat het wandelen wat minder vlot. Eigenlijk zelfs moeizaam, maar dat hoef ik niet aan de grote klok te hangen. Wat zou ik een ander opzadelen met mijn persoonlijke problemen?

Ik heb die gedachte nog niet losgelaten of een bekend postuur komt mij tegemoet lopen. Zij stopt vlak voor mijn neus en zegt: “Als dat de heer Krook niet is!” Er valt weinig te ontkennen, waarom zou ik ook. Ik bevestig dat ik het voor de volle honderd procent ben: “Goed gezien, dame”.

“Nu ik je toch spreek…”, zegt zij op samenzweerderige toon. Ze trekt een meewarig gezicht: “Vind je dat ook zo een raar gedoe daar bij Oud Sluys? Borrelverbod. Hoe verzinnen ze het! Wat zou zo’n instantie nu denken? Laten wie die negentigjarige alcohol onthouden opdat ze langer zal leven? Mijn tante zit daar ook.”

Ik schiet even in de lach. Ik ken haar al jaren en we zwaaiden destijds meestal alleen omdat zij altijd druk aan het werk was. Die tijden zijn voorbij. Ze is voor mij het voorbeeld van een klassieke harde werker, een Truus de Mier. Nu heet ze ook nog eens Truus. Dat is mooi want dan valt het niet op als we ons verspreken en haar bij haar bijnaam noemen.

“Ik ziet het helemaal voor mij. De gemiddelde negentigjarige, wat zeg ik de enige negentigjarige aldaar. En het is nog een bijdehandje. Ik ging een keer kijken daar bij het biljarten. Bleek niets voor mij dus ben ik gelijk weer afgehaakt. Afijn die dame had het hoogste woord en de jonkies luisterden allemaal naar haar…’

“… Jonkies van vijfenzeventig plus, wel te verstaan”, voeg ik er grijnzend aan toe. We praten nog even door over wat een mens van zeventig bezighoudt, maar zodra zij begint over gezondheid, roep ik haar tot de orde:” Je weet dat gezondheid tegenover mij een verboden gespreksonderwerp is.”

Ze heeft het meteen door en schakelt snel over op de realiteit van dit moment: “Jij gaat zeker door naar Kevin’s als ik jouw looprichting zo zie?”

Ons kent ons. Ik antwoord dan ook naar waarheid: “Dat is de bedoeling. Als ik het tenminste red met die slechte knie. … Verdraaid! Nou begin ik er zelf over…”

Ze geeft mij een bemoedigend klopje op mijn schouder en zegt: “Je weet het krakende wagens piepen het langst. Dat zeg je ook altijd tegen mijn man. Dus kraak-ze, Krook!” en schaterlachend loopt zij door.

Het is een heerlijk mens en recht voor zijn raap. Daar houd ik van. Niet van dat omzichtig gepraat. Omtzigt-ig gepraat zou haar man zeggen.

Het wandelen lukt mij makkelijker dan gedacht en zo arriveer in het grandcafé. Zij staat er vandaag niet. Een voor mij onbekende jongeman achter de bar groet mij en vraagt beleefd of ik wat wil drinken.

“Doet u mij een maar een jonge borrel, jongeman”. Hij schenkt vlot in en maakt een kwinkslag: “Bij ons is er altijd een jonge borrel voor elke oudere. Jong Sluys ook op de oude dag.”

Zo mag ik het horen. Wij grinniken beiden en ik hef mijn glas in zijn richting.

Santjes!

Klik voor de definitie van een column
  Een column is géén nieuwsartikel. Wat is het wel? Onderstaande maakt duidelijk dat je een column moet begrijpen door niet alleen de woorden tot je te nemen, maar door te bedenken welke  boodschap de columnist – mogelijk tussen de regels door –  aan de lezers geeft. Begrijp je de boodschap? Zie je wat de schrijver bedoelt? Daar kan ieder individu wat van vinden. Als het een eigen pijnplek is, kan de lezer de aanvechting hebben om helemaal erin mee te gaan of er volledig tegenin te gaan. Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
  • Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia

Reageren? … Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum] NB Uw reactie is pas zichtbaar nadat de moderator (controle t.o.v. algemeen fatsoen) deze heeft geakkordeerd.

◄ klik voor Publicatieschema columnisten

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 241 lezers



Ontdek meer van MAASSLUIS.NU

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Krook

Krook

KROOK | Columnist van 01-2024 tm 02-2026 |
Schrijver over gedachtenkronkels van gewone mensen en dingen die voorbijgaan | Leven in de kantlijn van het bestaan | Ziener van het ongeziene | Ertoe doen waar het er niet toedoet | Midden in het Niemendal Maassluis