Klik voor de definitie van een column
  Een column is géén nieuwsartikel. Wat is het wel? Onderstaande maakt duidelijk dat je een column moet begrijpen door niet alleen de woorden tot je te nemen, maar door te bedenken welke  boodschap de columnist - mogelijk tussen de regels door -  aan de lezers geeft. Begrijp je de boodschap? Zie je wat de schrijver bedoelt? Daar kan ieder individu wat van vinden. Als het een eigen pijnplek is, kan de lezer de aanvechting hebben om helemaal erin mee te gaan of er volledig tegenin te gaan. Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van 't Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
  • Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia

De onweersbui die op dit moment buiten losgebarsten is, dient als voorbode: Halloween is in aantocht. Een avond waarop het spannende ineens leuk wordt en waar iedere gil beloond wordt met een handvol lekkernijen. Dit doet mij terugdenken aan die ene keer waarop ik ontdekte dat Maassluis ook duistere plekken kent, waar niets is wat het lijkt.

Het was een frisse lentedag en aan het eind van de avond ben ik op de fiets op weg terug van mijn werk. De maan heeft de rol van lichtbron al uren geleden overgenomen van de zon en ook de sterren hebben hun plek in de lucht weer gevonden. Omdat er geen wolken zijn, ligt de temperatuur vrij laag en de frisse wind glijdt langs mijn wangen terwijl ik vanuit het centrum van Vlaardingen richting Maassluis fiets.

Na het laatste huis in de Westwijk gepasseerd te hebben fiets ik het donker van de Zuidbuurt tegemoet, enkel vergezeld door het gepiep en gekraak van mijn fiets. Verder is het opmerkelijk stil. Iedereen heeft zich duidelijk al teruggetrokken in de slaapkamer en ook het merendeel van de dierenwereld is begonnen aan de nachtrust. Het voelt hierdoor alsof ik totaal alleen op de wereld ben.

Fietsend door dit geluidloze duister zie ik dat de open velden om mij heen zich langzaamaan vullen met een laaghangende mist. Als een golf rolt deze opdoemende witte deken zich uit over de grassprieten die de koude grond bedekken. Ook de schaars verlichte weg die voor mij ligt, wordt al snel aan het zicht onttrokken en voor ik het weet kan ik enkel nog op het licht van mijn fietslamp vertrouwen.

Terwijl de mist in mijn wenkbrauwen en wimpers samenkomt tot kleine druppels, hoor ik plots het geluid van een naderende auto achter mij. Langzaamaan wordt het licht van de koplampen zichtbaar op de weg die voor mij ligt. Ik merk dat de auto op hoge snelheid dichterbij komt en op mijn hoede fiets ik, balancerend op de rand van de weg, door tot hij gepasseerd is. Ik stuur weer iets meer richting het midden van de weg en focus mijn blik op de achterlichten die nu steeds kleiner worden tot ze onvermijdelijk in de mist zullen verdwijnen.

Maar de lichten verdwijnen niet. De auto is midden op een bruggetje tot stilstand gekomen.

Waarom zou hij daar stoppen? Er bevindt zich daar verder helemaal niks. Het lijkt wel of hij staat te wachten tot ik weer dichterbij kom. Terwijl mijn hartslag stijgt, breng ik mijn fietssnelheid omlaag. Stiekem hoop ik hiermee dat de auto vanzelf weer gaat rijden. Maar met elke meter die onder mij doorrolt, druppelt deze hoop ook beetje bij beetje weg. De auto zal niet doorrijden en ik zal erlangs moeten gaan.

Bij dat besef zet ik de knop om. Ik verstevig de greep op mijn stuur en breng weer wat meer vaart in mijn trappen. Als het passeren dan toch onvermijdelijk is, dan zorg ik ervoor dat het zo snel mogelijk gebeurt. Met mijn focus op de weg ná het bruggetje gericht, passeert mijn voorwiel de achterbumper van de auto al. Ik houd mijn adem in en richt mijn blik op de portieren van de auto om eventueel openzwaaiende deuren op te merken.

Na nog één wielomwenteling ben ik het mysterieuze voertuig gepasseerd. Nog heel even luister ik of de auto niet toch weer in beweging komt, maar daarna laat ik opgelucht de gespannen adem uit mijn longen gaan om hierna weer frisse moed te inhaleren. Nu het gevaar geweken is, trekt ook de mist meteen weg en zie ik de contouren van de eerste huizen opdoemen. Ik kijk nog één keer om, maar van het bestaan van de auto is geen spoor meer te bekennen.

Reageren? ... Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum]

⊗——het einde ——⊗

◄ klik voor Publicatieschema columnisten

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 360 lezers

WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?


Robin Sterrenburg

Robin Sterrenburg

ROBIN STERRENBURG| Marketing & publiciteit bij Stadsgehoorzaal Vlaardingen | Media en Journalistiek, MA | Algemene Cultuurwetenschappen, BA