Klik voor de definitie van een column
  Een column is géén nieuwsartikel. Wat is het wel? Onderstaande maakt duidelijk dat je een column moet begrijpen door niet alleen de woorden tot je te nemen, maar door te bedenken welke  boodschap de columnist - mogelijk tussen de regels door -  aan de lezers geeft. Begrijp je de boodschap? Zie je wat de schrijver bedoelt? Daar kan ieder individu wat van vinden. Als het een eigen pijnplek is, kan de lezer de aanvechting hebben om helemaal erin mee te gaan of er volledig tegenin te gaan. Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van 't Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
  • Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia


Maandag 24 januari 2022

Mijn geliefde wijkagent is niet meer. Dit weekend kreeg ik een berichtje dat hij is overleden. Toch nog plotseling, ook al wisten we dat hij erg ziek was en het niet zou redden. Ik sprak hem vorige week nog op de app. “Het gaat minder goed met mij”, vertelde hij, “De vermoeidheid wordt erger en het eten smaakte mij niet meer.”

Het hele weekend spoken herinneringen aan hem door mijn hoofd. Zijn enthousiaste verhalen als hij met het gezin op vakantie was geweest en “effe een bakkie kwam doen op kantoor”. Zijn motortochtjes naar Duitsland met zijn zonen die inmiddels ook alle twee hun motorrijbewijs hadden. Zijn jongste zoon die een moeilijke start had in het leven maar het nu zo goed deed. Hij was zo trots op zijn jongens.

Ik herinner me ons laatste gesprek op kantoor, vlak voordat we te horen kregen dat hij kanker had en er geen hoop meer was op genezing. We zaten met een bekertje koffie in de kantine en soms werd er wat scheef naar ons gekeken, want het was al Corona en we moesten ver uit elkaar zitten en het liefst eigenlijk maar niet.

Hij vertelde dat hij had besloten om met vervroegd pensioen te gaan, hij had er niet zo veel zin meer in. De laatste reorganisaties hadden de politie geen goed gedaan en daar waar zijn hart lag, “zijn wijkkie”, daar kon hij steeds minder voor doen. Er werden te vaak diensten gewijzigd en werd hij elders ingezet. Het werd er allemaal niet beter op, zei hij.

Hij zag wel uit naar dat pensioen, lekker knutselen en helpen bij zijn zonen, “beetje verbouwen en zo” . Lekker met zijn vrouw op vakantie. Genieten van de kleinkindertjes, want die gingen er zeker komen.

Hij had het cruisen ontdekt en kon daar uren over vertellen, de grootte van zo`n schip, de technische details en vooral dat lekkere eten, want ja, een lekkerbek was-ie zeker.

Tijdens zijn ziekte was hij nog één keer op cruise geweest. De behandelingen om hem nog wat meer tijd te geven hadden dat nog mogelijk gemaakt want hij had al gezegd, “als ik niet lekker kan eten dan ga ik niet!”

Mijn wijkagent was niet zomaar een wijkagent, hij was bijzonder. We hebben, al met al, zo`n 15 jaar samengewerkt en in die tijd heb ik hem leren kennen als een agent met zijn hart op de juiste plek. Betrokken bij de wijkbewoners, met begrip voor veel situaties waar mensen in terecht konden komen. Een wijkagent die vaak ook een stapje meer deed voor mensen, die contact opnam met de rechtbank als er uitstel geregeld moest worden, contact met deurwaarders opnam om een regeling te treffen om een beetje rust in een huishouden te krijgen als het water mensen aan de lippen stond.

Maar ook een wijkagent die van doorpakken wist, die me een keer voorbij rende omdat een gezamenlijke cliënte precies op dat moment voor onze ogen werd “gepakt” door haar ex-partner.

Maar ook een wijkagent met een geweldig Rotterdams gevoel voor humor, rouw en cynisch. Humor om om te gaan met alles wat je in die wijken op Rotterdam-Zuid meemaakt, humor die relativeert en je helpt om weer verder te kunnen. We konden vaak dubbel liggen om alles wat we meemaakten. Als je net met veel toestanden een oudere dame met zware COPD met alle zuurstofflessen van dien met een politiebusje naar de opvang had gebracht, na een mishandeling door haar partner, en 3 uur later al weer een telefoontje ontving dat ze weer terug moest want die opvang was maar niks. Tja, daar gingen we dan weer.

Vrijdag de 28e nemen we afscheid. In de “normale tijd” zou er geen uitvaartcentrum groot genoeg zijn om alle mensen waar hij iets voor heeft betekend te huisvesten. Echter gaat in deze tijd alles anders, dus ook een uitvaart. Het wordt een online gebeuren met een online condoleance. Het menselijk contact is weg, je kunt de familie geen hart onder de riem steken, geen troostende woorden kunnen uitspreken of een arm om iemand heen leggen en een knuffel geven. Afscheid nemen op afstand, via een computer. Afscheid nemen van een man die een echt mensenmens was, vol betrokkenheid voor iedereen. Hoe doe je dat?


Reageren? ... Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum]

⊗——het einde ——⊗

◄ klik voor Publicatieschema columnisten

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 247 lezers

WIE SCHRIJVEN DE VOLGENDE KEREN?

Trudie Pasterkamp

Trudie Pasterkamp

Trudie Pasterkamp | Zaterdagcolumnist per 9-2017 | Coach Rouwverwerking & Verlies | Praktijk ELBE | Forum voor Maassluis■ Steunraadslid 2022-2026 ■