MAASSLUIS | Afgelopen zaterdagavond werden de 3 prijzen uitgereikt die horen bij de jaarlijkse schrijfwedstrijd van bibliotheek De Plataan. Tevens was er een eervolle vermelding. De prijzen werden uitgereikt door directeur Wouter van Heiningen tijdens de cultuurparade.

De eervolle vermelding volgens de jury:

“Een liefdevolle zoektocht naar de geschiedenis van de grootvader tijdens diens diensttijd in Nederlands-Indië, De persoonlijke dimensie verdient het respect dat in elke zin doorklinkt.”

De onbekende persoon op die oude foto

Ik vond de foto op een regenachtige zondagmiddag. Zo’n dag waarop je besluit eindelijk die oude spullen uit te zoeken. Ik had nog vele dozen vol liggen in een rommelkamertje na de verhuizing van mijn moeder naar een klein appartementje, dus tijd om deze een keer open te maken en te kijken wat er in zit.

Tussen de vergeelde papieren, verjaardagskaarten en oude kiekjes zat hij ineens: een zwart-witfoto van een man in (wat voor mij leek) een ochtendjas met pyjamabroek. Op de achtergrond iets van een rijstveld, met palmbomen die als wachters uit de horizon omhoog staken. En die man… hij keek niet in de camera, zijn blik was iets naar links gericht, alsof er iets buiten beeld zijn aandacht had. Zijn houding was ontspannen, bijna melancholisch. Op de achterkant stond met de hand in inkt geschreven “Mei 1947”.

Ik had deze foto nog nooit eerder gezien. Mijn eerste gedachte was: wie is dit?

Ik nam de foto mee naar mijn moeder. Ze zat zoals gebruikelijk in haar vaste stoel voor de televisie met een kop thee in haar handen. Ze had goede en slechte dagen – sinds haar geheugen haar begon te verraden was het soms moeilijk te weten wat ze nog wist, en wat niet meer terugkwam.

‘Mam,’ zei ik zacht. ‘Kijk eens wat ik heb gevonden.’

Ik gaf haar de foto. Haar vingers, dun en met doorzichtige huid, pakten hem voorzichtig aan. Ze hield hem dicht bij haar gezicht. Ik dacht eerst dat er niets zou

komen, dat het weer een lege blik zou worden gevolgd door haar gebruikelijke “Wat moet ik ermee?”

Maar toen gebeurde het. Haar mondhoeken krulden omhoog in een glimlach. Een zeldzame, echte glimlach. Haar ogen werden helder, alsof ze ineens weer wist waar ze was. Ze keek me aan.

‘Papa,’ zei ze zacht.

‘Is dit… is dat opa?’ vroeg ik verbaasd.

Ze knikte langzaam. ‘Ja. In Indië. Hij is daar geweest. Na de oorlog. Hij was als soldaat, maar hij was geen vechter. Papa had altijd een grap klaar. Zelfs daar.’

Het was alsof iemand een sluier optilde in haar hoofd. Ze begon te vertellen —

fragmenten, half vergeten zinnen, maar met een warmte die ik zelden nog bij haar zag.

‘Hij sprak Maleis,’ zei ze. ‘Had het zichzelf aangeleerd. Ze vonden het daar maar wat grappig, die witte Hollander die hun taal sprak met zo’n accent. Maar hij deed moeite. Hij wilde mensen begrijpen. Niet alleen bevelen geven.’

Ik ging op de bank zitten en luisterde. Mijn moeder vertelde over hoe haar vader als jonge man naar Nederlands-Indië werd gestuurd, kort na de Tweede Wereldoorlog. Hij had de Duitse bezetting meegemaakt, had honger gekend, en toen kwam dit: een nieuwe reis, naar een kolonie in opstand, ver van huis.

‘Hij stuurde brieven,’ zei ze. ‘Altijd netjes, met van die sierlijke letters.

Ze lachte zacht. ‘Hij vertelde dat hij een keer per ongeluk “kambing” zei toen hij “kampung” bedoelde. Wilde zeggen dat hij naar het dorp ging, maar zei dat hij naar de geit ging. De kinderen daar lagen dubbel van het lachen.’

Ik stelde haar vragen, en soms antwoordde ze, soms dwaalde ze af. Maar telkens als ik haar de foto liet zien, kwam ze weer een beetje terug.

‘Hij hield niet van geweld,’ zei ze. ‘Dat zei hij altijd. Hij was er wel, hij moest, maar hij vertelde me later dat hij het liefst met de mensen sprak. Over eten en hun leven, hun cultuur.

Ik keek opnieuw naar de man op de foto. Mijn opa. Iemand die ik maar kort had gekend. Hij was gestorven toen ik nog jong was. Mijn moeder had zelden over hem gesproken. De oorlog, en zeker Nederlands-Indië, was nooit een onderwerp geweest in ons huis. En toch zat hij hier ineens, tussen ons in, levend geworden door één oude foto.

Later die week zocht ik verder in de dozen. Ik vond een brief van hem. Geadresseerd aan mijn oma. In sierlijk handschrift schreef hij:

“Vandaag heb ik nasi goreng leren maken van een oude vrouw die haar kookstel onder een bananenblad had gebouwd. Ze lachte toen ik haar vroeg wat sambal oelek betekende. En ik moe tzeggen: ik heb gehuild van de hitte, maar het was heerlijk. Ik leer hier elke dag iets nieuws. Over mensen, over warmte. En ik verlang naar huis, maar ook… ik ben hier graag. Is dat vreemd?”

Ik las de brief hardop voor aan mijn moeder. Ze luisterde, haar ogen gesloten, een vage glimlach op haar gezicht.

‘Dat was hij,’ fluisterde ze. ‘Altijd nieuwsgierig. Altijd vriendelijk.’

Die foto kreeg een lijst. Hij hangt nu aan de muur in mijn woonkamer, naast andere familieportretten. Niet verborgen in een doos, maar zichtbaar. Want mijn opa, de onbekende man op die oude foto, bleek een verhalenverteller, een vredelievende soldaat, en iemand die een vreemde taal leerde om zich minder vreemd te voelen.

Die ene foto is meer geworden dan een stuk papier. Hij is een brug tussen generaties. Tussen oorlog en vrede. Tussen vergeten en herinneren.

Mijn moeder weet inmiddels vaak niet meer wie ik ben. Maar als ik haar de foto laat zien, zegt ze nog steeds: ‘Papa. In Indië.’ En dan glimlacht ze.

En dat is genoeg.

█ EINDE █

Diana Houtzager – Maassluis



Ontdek meer van MAASSLUIS.NU

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Redactie Kunst, Cultuur en Evenementen

Redactie Kunst, Cultuur en Evenementen

Redactie Evenementen, Kunst en Cultuur | Publiceert cultuur gerelateerde onderwerpen, zoals literatuur, optredens, voorstellingen, exposities en culturele evenementen.