Afgelopen dinsdag kreeg ik van een woonbegeleider een rondleiding over het asielzoekerscentrum (AZC) van Nijmegen.
Verdeeld over drie gebouwen van vier verdiepingen zijn er bijna 300 asielzoekers gehuisvest op dit voormalige kazerneterrein, waar op deze miezerige dag een landerige sfeer hangt met alleen bij de receptie een aantal bewoners dat ogenschijnlijk verveeld staat te roken.
Het vierde gebouw dat de vluchtelingen ter beschikking staat herbergt op de eerste verdieping een ontspanningsruimte met biljarttafel en biedt op de tweede verdieping gelegenheid tot het volgen van Nederlandse lessen waarvan een twintigtal bewoners op deze middag ook gebruikmaken.
Dat de lessen van belang zijn blijkt als de woonbegeleider tijdens de rondleiding in een Engels getint koeterwaals wordt aangesproken door een groepje Syriërs, dat niet wijs weet te worden uit eenvoudig formulier waarop vermeld staat dat er bij hen een keukeninspectie zal plaatsvinden, mogelijk ook naar aanleiding van een uitslaand keukenbrandje de dag ervoor.
Op dezelfde verdieping zijn een computerlokaal (met wifi-aansluiting) en een bescheiden fitnessruimte gehuisvest welke onbemand zijn en het gebouw in combinatie met de hoge lange hallen tot een ijzige ruimte maken.
Sowieso wijst niets op het complete terrein op spanningen zoals die zich vorige maand bijvoorbeeld afspeelden op een AZC in Overloon waar twee groepen asielzoekers met elkaar op de vuist gingen. Natuurlijk zijn die spanningen er wel. Wanneer je uit oorlogsgebied komt en je nu in vredig Nederland in afwachting bent van een besluit over je mogelijke terugkeer hoeft er denk maar weinig te gebeuren om geheel door het lint te gaan. Administratieve rompslomp (UWV, belastingen) levert volbloed Nederlanders soms al hartproblemen op, laat staan als gevoelsmatig je leven afhangt van de trage en soms onbegrijpelijke besluiten van die ambtenaren.
De woonbegeleider vertelde in zijn twintigjarige dienstverband al veel tragische gevallen te hebben meegemaakt tot zelfmoord aan toe. Neemt niet weg dat veel bewoners van AZC’s de laatste decennia uitstekend geïntegreerd zijn in Nederland waarmee wordt aangegeven dat deze instellingen ook tot veel menselijk geluk hebben geleid. Van het verhaal van Sifan Hassan, atlete die topfavoriet is op de EK indoor 1500 m dit weekend in Praag en een potentiële gouden medaillewinnares is op de Olympische Spelen van 2016 kan ik dan ook erg vrolijk worden (uit de Gelderlander):
Zes jaar nadat ze door haar moeder vanuit Afrika naar Nederland werd gestuurd, wil Hassan gezien worden als een Nederlandse. De reden waarom haar moeder haar naar Nederland stuurde houdt ze voor zich. Ze kwam aan in het AZC van het Drentse Zuidlaren. Wanneer ze precies is geboren, kon ze de immigratiedienst niet vertellen. Ergens in 1993. De datum in haar Nederlandse paspoort (sinds 2013) is op 1 januari 1993 gesteld.
Zuidlaren voelde volgens Hassan als een gevangenis. Pas nadat ze via een opvanghuis in Leeuwarden in Eindhoven en later Arnhem terecht kwam, kon ze serieus gaan hardlopen.
Haar coach Honoré Hoedt zegt dat Hassan een mentale hardheid heeft die je in het westen niet meer tegenkomt. Mede door haar achtergrond als vluchteling. Ze traint hard, maar gaat met een lach door het leven.
‘Ik vind het wel jammer dat ik niet alleen in Nederland kan trainen’, zegt ze verontschuldigend over haar grootse ambities. ‘Ik ga naar het buitenland om op hoogte te kunnen trainen. Anders zou ik het hele jaar hier willen blijven. Echt waar. Ook als ik mijn normale kleren aandoe, word ik blij dat ik iets van oranje kan aantrekken.
Daar kan de gemiddelde zure Nederlander nog veel van leren….!
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.