De verkiezingen zijn nog maar net achter de rug. De nieuwe gemeenteraad is amper een maand actief. Het coalitieprogramma is nauwelijks droog achter de oren. Sterker nog: nog geen 24 uur nadat de nieuwe coalitie haar plannen wereldkundig maakte, klonk op sociale media al stevige kritiek.
Er werd gesproken over gebrek aan daadkracht. Over tegenvallend beleid. Over onvoldoende zichtbare veranderingen.
Dat is knap.
Niet omdat die kritiek per definitie terecht of onterecht is, maar omdat het bestuurlijk gezien bijna onmogelijk is dat er al iets wezenlijks veranderd zou zijn. Toch gebeurt het. Vooral op sociale media. En opvallend vaak vanuit de hoek van mensen die zich nauw verbonden voelen met de partijen die de macht hebben verloren. Ach ja, wie jarenlang gewend is geweest om dicht bij de knoppen te zitten, moet natuurlijk even wennen wanneer anderen de bediening overnemen. Dat is menselijk. Soms zelfs begrijpelijk.
En eerlijk is eerlijk: zo herken je ook meteen de trouwe supporters van de oude machtsverhoudingen. Heeft u er ook al een paar voorbij zien komen?
De burger wil snelheid
Wat mij vooral opvalt, is hoe vergankelijk verkiezingsresultaten tegenwoordig lijken te zijn. Op verkiezingsavond wordt een uitslag gevierd of betreurd. Een week later is iedereen alweer vergeten waarom die uitslag eigenlijk tot stand kwam. Een maand later verwacht men concrete resultaten.
Dat zegt veel over de tijd waarin wij leven: de gemiddelde burger is namelijk grotendeels apolitiek. Niet uit onwil, maar uit gebrek aan belangstelling. Gemeenteraadsvergaderingen worden nauwelijks gevolgd. Coalitieonderhandelingen interesseren slechts een kleine groep liefhebbers. Beleidsstukken worden zelden gelezen.
Toch verwacht diezelfde burger wel direct zichtbare resultaten. En daar ontstaat een merkwaardige tegenstelling.
Besluiten gaan sneller dan uitvoering
Wat vaak wordt vergeten, is dat politiek en uitvoering twee verschillende werelden zijn. Een gemeenteraad kan relatief snel besluiten nemen. Een coalitie kan een beleidswijziging afspreken. Een wethouder kan een nieuwe koers aankondigen, maar daarna begint pas het echte werk. Ambtenaren moeten plannen uitwerken, juridische gevolgen onderzoeken, financiële consequenties berekenen, inspraaktrajecten organiseren en procedures doorlopen.
Dat kost tijd. Veel tijd. Sterker nog: de afgelopen jaren hebben we juist gezien dat de snelheid van besluitvorming vaak vele malen hoger ligt dan de snelheid van uitvoering.
Niet omdat ambtenaren onwillig zijn, maar omdat zij opdracht hebben om alles uiterst zorgvuldig voor te bereiden. Niet honderd procent, maar soms wel honderd-tien procent.
Dat leidt tot degelijkheid en ook tot traagheid, maar vooral tot onbegrip bij inwoners die zich afvragen waarom iets wat gisteren besloten is, vandaag nog niet zichtbaar is.
Nieuwe spelers, oude verwachtingen
Feitelijk zien we dat er 1 jaar lang, dus sinds vorig jaar september tot aan komende september weinig over spectaculaire plannen wordt gesproken. Kwartaal 1 stond men in dienst van verkiezingen. Kwartaal 2 stond men in dienst van de (in)formatiefase, de coalitievorming en het opstellen van het coalitieprogramma. Kwartaal 3 is de inwerkperiode.
Daar komt nog iets bij. Er zijn op dit moment nog geen volledig ingewerkte nieuwe wethouders. Sommige benoemingen moeten nog plaatsvinden. Portefeuilles moeten worden overgedragen. Relaties binnen het ambtelijk apparaat moeten worden opgebouwd. Met andere woorden: de nieuwe bestuurlijke ploeg staat nog in de steigers. Dan is het des te opmerkelijker dat sommigen nu al oordelen alsof een volledige bestuursperiode achter de rug is.
Een interessante boodschap
Wie de persconferentie van eergisteren heeft bekeken, zag overigens wel degelijk iets belangrijks. Niet zozeer concrete maatregelen, maar een duidelijke intentie. De nieuwe coalitie gaf aan niet langer het braafste jongetje van de klas te willen zijn. Dat is geen uitvoeringsmaatregel, maar wel een politieke keuze. Een keuze die suggereert dat men kritischer wil kijken naar regels, verplichtingen en vanzelfsprekendheden die de afgelopen jaren als onaantastbaar werden beschouwd.
Dat is op zichzelf een heldere boodschap. Of die boodschap wordt omgezet in tastbare resultaten, moet uiteraard nog blijken, maar intentie en uitvoering zijn twee verschillende fasen.
Zelfs een wethouder heeft tijd nodig
Wie wat langer meeloopt in de lokale politiek weet dat dit niet nieuw is. Ook vorige colleges hadden tijd nodig. Nieuwe wethouders moesten dossiers leren kennen. Nieuwe coalities moesten hun onderlinge samenwerking vormgeven. Nieuwe beleidslijnen moesten hun weg vinden door het ambtelijk apparaat.
Dat proces duurde geen week. Geen maand. Vaak niet eens twee maanden. Drie maanden inwerktijd werd jarenlang als heel normaal beschouwd. Waarom zou dat nu ineens anders zijn?
De les van de burgemeester
Misschien moeten we eens kijken naar hoe we omgaan met een nieuwe burgemeester. Traditioneel geldt daar een soort ongeschreven regel: geef iemand honderd dagen. Niet omdat kritiek verboden is, maar omdat je eerst wilt zien hoe iemand functioneert voordat je een oordeel velt. Dat lijkt mij ook voor een nieuwe gemeenteraad en een nieuwe coalitie geen onredelijk uitgangspunt.
Tot slot
Verkiezingsuitslagen zijn vergankelijk. Niet omdat zij onbelangrijk zijn, maar omdat verwachtingen vaak sneller veranderen dan de werkelijkheid kan volgen. De politieke koers kan in één avond wijzigen. De uitvoering zelden. Daarom lijkt mij één advies passend.
Laten we over honderd dagen opnieuw kijken. Dan kunnen we beoordelen of er sprake is van daadkracht of stilstand. Van snelheid of traagheid. Van verandering of voortzetting van oud beleid.
Tot die tijd lijkt enige bestuurlijke rust op zijn plaats. Tenzij er brand is, want alleen bij brand heeft het zin om al te blussen voordat het huis daadwerkelijk in gebruik is genomen.
Columnisten schrijven eigen visie op persoonlijke titel.
- De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
- Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
- Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
- Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 313 lezers Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU
