Er is een merkwaardig fenomeen in de lokale democratie. Een gemeenteraad kan maanden, soms jaren, discussiëren over een plan. Er worden moties ingediend, amendementen besproken, toezeggingen gedaan en besluiten genomen. Er worden raadsvergaderingen gehouden waarbij de publieke tribune soms beter gevuld is dan de gemiddelde gemeentelijke parkeerplaats op een zaterdagmiddag.
En vervolgens gebeurt er iets wonderlijks: De kiezer vergeet. Niet alles natuurlijk. Men vergeet vooral wie wat heeft besloten.
Neem een willekeurig voorbeeld. Stel dat een gemeente besluit een nieuw verkeersplein aan te leggen. Het oude kruispunt was onveilig, het verkeer liep vast en omwonenden klaagden al jaren. De gemeenteraad bespreekt verschillende varianten. Uiteindelijk stemt een meerderheid in met een plan dat enkele miljoenen kost.
De uitvoering duurt vervolgens twee jaar. Dat levert vanzelfsprekend overlast op. Omwonenden zijn boos, ondernemers klagen over bereikbaarheid en automobilisten ontdekken dagelijks nieuwe creatieve routes door de wijk. Uiteindelijk ligt daar dan toch het nieuwe verkeersplein. Het verkeer stroomt beter, de verkeersveiligheid is verbeterd en de gevaarlijke kruising is verleden tijd.
Een paar maanden later wordt het plein feestelijk geopend. En wie staat daar met een glimlach voor de camera? De wethouder. Logisch. Hij is tenslotte verantwoordelijk voor de uitvoering. Hij mag het lint doorknippen, een paar woorden spreken en uitleggen hoe mooi het allemaal geworden is.
De gemiddelde kiezer denkt vervolgens: Kijk eens aan, die wethouder heeft dat toch maar mooi voor elkaar gekregen.
Dat is het eerste geheugenprobleem. Want de wethouder heeft het besluit niet alleen genomen. Het voorstel is door ambtenaren voorbereid, door het college vastgesteld en uiteindelijk door een meerderheid van de gemeenteraad goedgekeurd. Misschien waren er zelfs raadsleden die jarenlang op verbetering hadden aangedrongen.
Maar wie onthoudt dat?
De kiezer onthoudt vooral het eindresultaat. En als dat resultaat goed is, krijgt degene die toevallig voor de camera staat de complimenten. Is het resultaat slecht, dan krijgt vaak dezelfde persoon de schuld.
Dat is niet helemaal eerlijk, maar wel begrijpelijk.
Politiek is voor de meeste mensen geen doorlopend dossier. Het is een verzameling losse indrukken. De kiezer heeft geen gemeentelijke besluitenmap naast de televisie liggen. Hij leest niet iedere raadsinformatiebrief, kent de stemverhoudingen niet uit zijn hoofd en weet meestal niet welke partij oorspronkelijk met een voorstel kwam.
Daar komt nog iets bij: politieke verantwoordelijkheid is vaak collectief, terwijl menselijke herinnering individueel werkt.
Een besluit van vijftentwintig raadsleden wordt later toegeschreven aan één wethouder. Een impopulair besluit van een vorige coalitie wordt afgewenteld op de huidige bestuurder. Een succesvol project wordt geclaimd door degene die het mag openen. En een probleem dat jaren geleden is ontstaan, wordt de schuld van degene die er vandaag toevallig over gaat.
Daarom worden soms de verkeerde mensen de hemel in geprezen en de verkeerde mensen verguisd.
En nee, ik verwacht niet dat dit ooit wezenlijk zal veranderen.
Niet omdat kiezers dom zijn. Integendeel. Mensen hebben simpelweg andere prioriteiten. Ze werken, zorgen voor hun gezin, betalen hun rekeningen en proberen zich staande te houden in een wereld waarin al genoeg informatie op hen afkomt.
De gemeentepolitiek concurreert daarbij om aandacht met oorlogen, verkiezingen, voetbal, inflatie, files, televisie en de vraag waarom de afvalcontainer alweer vol zit.
Wie dan verwacht dat de gemiddelde kiezer vier jaar lang onthoudt wie precies wanneer welk amendement heeft gesteund, vraagt eigenlijk om een fotografisch geheugen van iemand die daar nooit om heeft gevraagd.
Toch ligt hier wel een verantwoordelijkheid voor de politiek. Wie werkelijk verantwoording wil afleggen, moet niet alleen zichtbaar zijn bij het lintje en de camera. Leg uit wie het voorstel heeft bedacht, wie ervoor heeft gestemd, waarom die keuze is gemaakt en wie uiteindelijk verantwoordelijk is voor de uitvoering.
Maak politieke verantwoordelijkheid herkenbaar. De kiezer zal vervolgens nog steeds dingen vergeten. Dat is geen gebrek van onze democratie. Het is een menselijke eigenschap. Maar laten we er dan in ieder geval voor zorgen dat wat hij zich wél herinnert, zoveel mogelijk klopt.
Dat zou al een hele verbetering zijn.
Columnisten schrijven eigen visie op persoonlijke titel.
- De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
- Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
- Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
- Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 133 lezers Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU

Geen Reactie