Columnisten doen hun stinkende best om met hun column een onderwerp aan te kaarten. Zo een onderwerp kan de lezer raken. Er zijn dan veel voor- en tegenstanders. Dat gebeurt soms. Cartoons doen dat ook en vaak veel heftiger.
Is dat vreemd? Ik denk dat veel mensen – het effect van – cartoons onderschatten. Misschien omdat ze klein zijn. Een paar lijnen, een plaatje met onderschrift, soms zelfs zonder tekst. We bladeren er langs alsof het tussendoor amusement is. Maar juist daarin schuilt de kracht. Een cartoon is geen versiering bij het nieuws. Het ís nieuws, samengeperst tot emotie.
Een cartoon geeft nooit een kleurloze mening over wat er in het nieuws is. Cartoons raken zenuwen. Ze kunnen vernederen, ontregelen, ontmaskeren en bevrijden. Een goede cartoon is heftig genoeg om reacties op te roepen die verder gaan dan woorden.
Onze cartoonist Nine geeft op haar eigen pagina een duidelijk beeld van haar functie.
■ Ook op wikipedia wordt daarover geschreven.
“Every picture tells a story” klinkt als een cliché, totdat je merkt dat één beeld soms meer zegt dan duizend opiniestukken. Ons brein verwerkt beelden sneller dan tekst. Psychologen noemen dat dual coding: beelden nestelen zich direct in het geheugen, gekoppeld aan emotie. Daarom herinneren we ons een scherpe politieke cartoon vaak jaren later nog exact, terwijl de gemiddelde column alweer verdwenen is in het digitale stof.
Filosofisch gezien fascineren cartoons me omdat ze draaien om compressie. De Franse filosoof Jean Baudrillard schreef ooit over symbolen die soms “echter” worden dan de werkelijkheid zelf. Een cartoon doet precies dat. Ze reduceert complexe maatschappelijke spanningen tot één scène die ineens helderder voelt dan de werkelijkheid waaruit ze voortkomt. Niet objectiever, maar wel scherper.
Tegelijk speelt humor een vreemde psychologische rol. Sigmund Freud zag humor als een ontsnappingsroute voor spanning. We lachen of worden boos, vaak om dingen die eigenlijk ongemakkelijk zijn. Een cartoon laat je soms eerst glimlachen en pas daarna slikken. Dat moment ertussen – tussen lachen en ongemak – is precies waar reflectie ontstaat.
En dan is er nog iets: cartoons ontregelen groepsdenken. Filosofen van het Existentialism benadrukten hoe mensen zich graag verschuilen in collectieve zekerheden. Een goede cartoon trekt juist dat veilige tapijt onder je vandaan. Ineens zie je de absurditeit van een politiek standpunt, van consumentengedrag, van oorlogstaal of van je eigen hypocrisie. Niet omdat iemand het uitlegt, maar omdat het zichtbaar wordt gemaakt.
Dat verklaart ook waarom cartoons zoveel commotie oproepen. Emotie en commotie zijn geen bijwerkingen van een sterke cartoon; ze zijn het bewijs dat het beeld iets heeft geraakt. Een cartoon waar niemand boos, verdrietig, ongemakkelijk of aan het lachen van wordt, is meestal gewoon vergeten voordat de inkt droog is.
Maar misschien moeten we cartoons anders leren beleven. Niet als letterlijke waarheid. Niet als heilige uitspraak. En ook niet als excuus om onmiddellijk verontwaardigd te raken. Een cartoon is een spiegel die expres vervormt. Zoals een lachspiegel op de kermis je gezicht uitrekt om iets zichtbaar te maken wat normaal verborgen blijft.
Mijn advies is daarom simpel: kijk langer dan je eerste emotie. Vraag jezelf niet alleen af of je het ermee eens bent, maar waarom het beeld je raakt. Waar schuurt het? Waarom onthoud je juist die ene tekening? Een goede cartoon vraagt niet om directe goedkeuring. Hij vraagt om confrontatie, interpretatie en soms zelfs irritatie.
Juist daarin zit de waarde van kunst die met een paar lijnen meer losmaakt dan een uur debat ooit kan doen.
Columnisten schrijven eigen visie op persoonlijke titel.
- De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
- Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
- Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
- Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 130 lezers Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU
