Soms haalt het verleden je in en word je in het heden geconfronteerd met waardevolle herinneringen. Zo overkwam ons dat deze week. Een telefoontje zette ons jaren terug in de tijd.
Mijn schoonmoeder (1923-2018) heeft vanaf begin jaren zeventig volksdansles gegeven totdat ze op 88 jarige leeftijd de dansschoenen definitief aan de wilgen hing. Ze leefde daarna nog zes jaar. Die baan heeft haar heel veel (vrijheid en geld) gebracht. Ze werkte in diverse wijkcentra in Rotterdam (Zuidwijk, Pendrecht, Zevenkamp, Spangen e.a.), in Barendrecht en op het Kruininger Gors. “Juffrouw Annie” noemde men haar, streng als het moest, maar meestal heel innemend. Ze organiseerde ook jaarlijks een vakantieweek naar Nunspeet e.o., weekend uit (De Lutte, Bergen, enzovoort).
In één van die groepen danste in de jaren 70 een jonge vrouw die nog lang zou meedraaien. Deze dame werd op latere leeftijd goed bevriend met actrice en kunstenares Wieteke van Dort. Ze bleven goede vriendinnen tot het moment waarop Wieteke haar laatste adem uitblies. Vorig jaar zomer. Wie herinnert zich niet de rollen van Tante Lien en vooral ook De Deftige Dame uit de Stratemakeropzeeshow. De dame die altijd per ongeluk windjes liet…
Gisteren kwam er een telefoongesprek van die dansdame. Zij vertelde dat ze met een andere dame al een jaar bezig is om de nalatenschap van Wieteke een plek te geven: schilderijen, boeken, muziekverzameling, beeldjes, Indische dagboeken uit het Jappenkamp, en veel meer. De echtgenoot van Wieteke was ook een verzamelaar dus die remden elkaar niet af.
De kern van het telefoongesprek: er was spiritueel materiaal dat ons en onze dochter wellicht zou interesseren en zo belandden wij op donderdagmiddag postuum in het kunstenaarsdomein van de deftige dame. Het was een weerzien met de levende en een weemoedig stilstaan bij de weggevallenen. Er volgde een mooi gesprek met gezamenlijke herinneringen en een afspraak voor spoedig weerzien tot slot.
Thuisgekomen bedacht ik dat wij weliswaar geen grote verzamelaars zijn, maar bij leven toch maar eens werk moeten maken van ons voornemen uit 2023 om te ontspullen.
Dus mocht je mij eerdaags met dozen richting de milieustraat, restcontainer of kringloopwinkel zien gaan, dan zijn dat onze spullen. Die van De Deftige Dame krijgen nu een mooi plaatsje.
Columnisten schrijven eigen visie op persoonlijke titel.
- De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
- Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
- Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
- Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 309 lezers Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU

1 Reactie
Beste heer Ravestein,
Wat een mooie column van een mooie en lieve vrouw Wieteke van Dort, een legdnde die altijd in onze gedachten en hart blijft.
Wens u nog veel plezier in uw mooie vak.
Groet,
Irene Filipov