Maandagmiddag. De sneeuw is ’s nachts met overtuiging gevallen, alsof hij iets goed te maken had. Geen aarzelend poedersuikerlaagje dit keer, maar serieus werk. Daken wit, stoepen wit, zelfs het stadshart oogt alsof iemand er met frisse tegenzin een nieuw begin heeft uitgerold. En de zon — alsof die zich er ineens mee wilde bemoeien — schijnt er ongegeneerd bij.
Ik trek mijn jas dicht, zet mijn pet wat steviger op en begin mijn vaste rondje. Het is fris, ja. Maar fris is iets anders dan vijandig. Toch is het stadshart opmerkelijk leeg. Waar normaal op maandagmiddag altijd wel iemand schuifelt, keuvelt of doelloos voor een etalage blijft staan, heerst nu een bijna kerkelijke stilte.
Ik kom nauwelijks een inwoner tegen.
Ik vraag me af: houden ze niet van sneeuw? Of is dit collectieve voorzichtigheid? Bang om te vallen misschien. In Maassluis wonen tenslotte veel senioren. Mensen zoals ik, maar dan met minder eigenwijsheid. De radio heeft ongetwijfeld weer zijn werk gedaan. “Barre omstandigheden”, “code oranje”, “blijf binnen als het niet noodzakelijk is om naar buiten te gaan”. Alsof een wandeling per definitie een hachelijke onderneming is geworden.
Ik loop rustig. Kleine passen. Ogen open. Dat helpt al een hoop. Mijn knieën kraken zoals ze dat al jaren doen, ongeacht het weer. Sneeuw of geen sneeuw, die maken hun eigen meteorologische dienst uit. Maar verder voel ik me prima. De kou prikt een beetje in mijn wangen en dat vind ik juist weldadig. Het herinnert je eraan dat je leeft, dat je geen kamerplant bent.
Het idee dat sneeuw ineens een nationale crisis is, kan ik moeilijk serieus nemen. Vroeger — en ja, daar komt hij weer — gingen we gewoon naar school. Op gladde fietspaden, zonder helm, zonder apps die waarschuwden voor elk mogelijk risico. We vielen wel eens, stonden weer op en leerden waar het glad was. Dat heette ervaring. Tegenwoordig heet het “onverantwoord”.
Ik kijk om me heen en geniet stiekem van de rust. Geen opgejaagde fietsen, geen haastige gesprekken, geen telefoons die luidkeels in de buitenlucht worden bijgewerkt. De sneeuw dempt alles. Zelfs de tijd lijkt zich iets trager voort te bewegen. Misschien is dat wel de echte reden dat mensen binnen blijven: stilte kan confronterend zijn.
Ja, het is koud. Maar koud is niet erg. Koud houdt scherp. Koud maakt helder. En een wandeling, zeker op zo’n dag, is gezond. Voor het lichaam, maar vooral voor het hoofd. Binnen zitten uit angst om te vallen is ook een manier van stilstaan. En stilstaan is, heb ik gemerkt, vaak gevaarlijker dan lopen.
Ik relativeer het allemaal terwijl ik mijn rondje afrond. Code oranje… het klinkt dreigend, maar buiten is het gewoon winter. Geen vijand, maar een seizoen. Een dat je met enig respect moet behandelen, maar niet met paniek.
Bij Kevin’s is het warm. De vertrouwde geur van koffie en gesprekken die nog moeten beginnen. Ik neem plaats, bestel mijn jonge borrel en kijk nog één keer naar buiten, waar de zon op de sneeuw speelt alsof er niets aan de hand is.
Ik hef mijn glas.
Op een mooie winter. Op kou die wakker maakt. En op maandagmiddagen waarop je, tegen alle waarschuwingen in, gewoon even naar buiten durft te gaan.
Santjes!
Columnisten schrijven eigen visie op persoonlijke titel.
- De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
- Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
- Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
- Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 198 lezers Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU
