Het hardnekkige sprookje wil dat babyboomers het allemaal zo goed hebben. Goed pensioen, dikke spaarpot, misschien zelfs een tweede huis. Maar wie goed kijkt, ziet een heel ander verhaal. Veel van mijn generatiegenoten worstelen met hun vaste lasten.
Pensioenen zijn niet altijd “goudgerand”, huren stijgen, zorgkosten rijzen de pan uit en boodschappen slokken een steeds groter deel van het inkomen op. De riante welvaart die ons wordt toegedicht, is vaak niet meer dan een politieke fabel die lekker klinkt in talkshows.
Juist daarom is controle over de eigen financiën cruciaal. Niet achterover leunen en hopen “dat het wel goed komt”, maar zelf de regie nemen. En die regie begint niet met een hippe app of een digitale tool waar de banken zo graag mee pronken. Nee, het begint met iets simpels, iets tastbaars: contant geld.
Cash dwingt tot nadenken. Waar een contactloze betaling ongemerkt door je vingers glipt, voel je bij elke euro die je uit je portemonnee haalt de impact. Het maakt keuzes concreet. En precies dat is nodig in een tijd waarin de inflatie hoog is en de verleiding om toch “even te pinnen” overal op de loer ligt.
Volgens de visie van het NIBUD gelden simpele, harde spelregels:
- Leg je inkomen en vaste lasten bloot. Geen aannames, maar cijfers zwart op wit.
- Reserveer een vast weekbudget in contanten. Op is op, geen discussie.
- Verdeel het geld in categorieën. Boodschappen, vervoer, ontspanning – elk met een eigen envelop.
- Bouw een buffer op. Al is het klein, het beschermt je tegen onverwachte klappen.
Dit is geen beklemmend regime, dit is vrijheid terugpakken. Want wie denkt dat babyboomers allemaal met een gouden lepel leven, mag gerust eens meekijken in de portemonnee van de gemiddelde 68-plusser. Je zult verbaasd zijn hoe dun die lepel is.
Mijn advies? Laat je niet foppen door het beeld van de rijke generatie. Ga staan voor je eigen financiële gezondheid. Begin vandaag nog met contant betalen. Niet omdat het nostalgisch is, maar omdat het werkt.
Columnisten schrijven eigen visie op persoonlijke titel.
- De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
- Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
- Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
- Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 216 lezers Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU
