[redactie] We kregen een mail van een lezer naar aanleiding van de aankondiging onder de vorige column van Ko dat de eerstvolgende over burgerparticipatie gaat. Deze column lag al bij de redactie overigens. Het in die mail vermelde onderzoeksrapport (link) willen wij de lezers niet onthouden. Het is leesvoer (50 blz) voor wie zich principieel in de materie wil verdiepen.

Het klinkt prachtig op papier: burgerparticipatie. De gemeente vraagt inwoners om mee te denken, plannen te beoordelen, ideeën aan te dragen. Het lijkt de ultieme vorm van democratie: de burger die niet alleen stemt eens in de vier jaar, maar ook tussendoor invloed heeft.

Maar wie beter kijkt, ziet dat burgerparticipatie vaak niet meer is dan een decorstuk. De uitkomst ligt al vast, de inspraak is een formaliteit. Het is een toneelstuk waarin de burger mag meedoen, maar nooit het script mag herschrijven.

Neem de bekende “informatieavonden” of “inspraakbijeenkomsten”. Er worden grote vellen papier opgehangen, stiften uitgedeeld, en bewoners mogen ideeën opschrijven. Na afloop wordt vriendelijk bedankt voor de input, en belandt alles in een rapportage. Dat rapport wordt vervolgens “meegenomen” in het besluitvormingsproces — ambtelijk jargon voor: het verdwijnt in de la.

Het is niet altijd kwade opzet. Soms wil de gemeente oprecht luisteren, maar zijn de plannen al zo ver gevorderd dat grote aanpassingen onhaalbaar zijn. Soms wordt participatie gebruikt om draagvlak te meten, maar niet om richting te bepalen. Het gevolg: burgers voelen zich voor de gek gehouden.

Echte participatie vraagt lef van bestuurders. Lef om je plannen aan te passen als er goede ideeën uit de samenleving komen. Lef om te zeggen: “We hebben geluisterd, en we doen het anders dan we hadden bedacht.” Maar dat lef ontbreekt vaak, omdat het proces leidend is geworden in plaats van het resultaat.

En dan heb je nog de selectiviteit: wie doet er mee aan inspraakavonden? Vaak dezelfde groep mensen: hoogopgeleid, mondig, en met voldoende vrije tijd. De stille meerderheid — mensen die werken in ploegendienst, ouders met jonge kinderen, of bewoners die de taal niet goed spreken — blijft buiten beeld. Hun belangen worden zelden vertegenwoordigd, en hun stem raakt verloren in de “gemiddelde” uitkomsten.

Willen we dat burgerparticipatie meer is dan een formaliteit, dan moeten we het anders organiseren. Ga naar de mensen toe, in plaats van hen naar het gemeentehuis te laten komen. Gebruik digitale middelen, maar ook huis-aan-huis-bezoeken. En vooral: laat zien wat er met de inbreng gebeurt, ook als dat betekent dat plannen aangepast moeten worden.

Participatie is pas echt democratisch als de uitkomst open ligt. Anders is het gewoon een burgerdeclaratie: je mag tekenen bij het kruisje, en verder bedankt voor de moeite.

de volgende column: De Wipkip politiek

Klik voor de definitie van een column
  Een column is géén nieuwsartikel. Wat is het wel? Onderstaande maakt duidelijk dat je een column moet begrijpen door niet alleen de woorden tot je te nemen, maar door te bedenken welke  boodschap de columnist – mogelijk tussen de regels door –  aan de lezers geeft. Begrijp je de boodschap? Zie je wat de schrijver bedoelt? Daar kan ieder individu wat van vinden. Als het een eigen pijnplek is, kan de lezer de aanvechting hebben om helemaal erin mee te gaan of er volledig tegenin te gaan. Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
  • Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia

Reageren? … Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum] NB Uw reactie is pas zichtbaar nadat de moderator (controle t.o.v. algemeen fatsoen) deze heeft geakkordeerd.

◄ klik voor Publicatieschema columnisten

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 221 lezers


Ontdek meer van MAASSLUIS.NU

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Ko Wittevlo

Ko Wittevlo

KO WITTEVLO | (Inval)columnist per 12-2022 | Pensionado. Ik neem het leven zoals het zich aandient | Als iets mij te zeer raakt, schiet ik verbaal wel eens uit mijn slof, Neem mij vooral niet kwalijk en geef eens een reactie |

1 Reactie

  1. Peter Tijl
    14 augustus 2025 at 16:37

    Ko,
    Hiermee sla je de spijker op zijn kop
    Citaat
    “Echte participatie vraagt lef van bestuurders. Lef om je plannen aan te passen als er goede ideeën uit de samenleving komen. Lef om te zeggen: “We hebben geluisterd, en we doen het anders dan we hadden bedacht.” Maar dat lef ontbreekt vaak, omdat het proces leidend is geworden in plaats van het resultaat.
    onderzoeksrapport (link)”
    Het onderzoek zou verplicht door alle bestuurders en ambtenaren gelezen moeten worden (bestuderen is nog beter)