Ik heb het altijd een beetje raar gevonden, al die politici die campagne voeren vlak voor de verkiezingen, die je proberen te overtuigen van hun gelijk en waarom je ook vooral op ze moet stemmen. De tijd is weer aangebroken dat je struikelt over de politici, in het winkelcentrum of langs de weg op de kartonnen borden die vol hangen met glimlachende gezichten. Flyers dwarrelen als herfstbladeren over de stoep. Debatten buitelen over elkaar heen met ferme uitspraken, scherpe one-liners en beloften die nét iets mooier klinken dan de werkelijkheid kan dragen. Campagne voeren hoort bij verkiezingen zoals oranje tompoucen bij Koningsdag. En toch bekruipt me altijd de gedachte: “zou het niet beter zijn als campagne voeren overbodig was?”
Campagnes zijn ooit bedoeld om kiezers te informeren. Om verschillen zichtbaar te maken en keuzes helder te krijgen. In de praktijk zijn ze tegenwoordig gewoon marketingmachines. Politiek als reclameblok. Wie het meeste geld heeft, de beste communicatieadviseurs of de slimste social media-strategie, wint aandacht. Niet per se omdat de ideeën beter zijn, maar omdat ze beter verkocht worden.
En daar wringt het want in een volwassen democratie zouden inhoud en betrouwbaarheid zwaarder moeten wegen dan slogans. Als partijen en politici hun werk tussen de verkiezingen door goed doen, zichtbaar, transparant, betrokken, dan zouden kiezers geen campagne nodig moeten hebben om te weten waar iemand voor staat. Dan zou het dossier belangrijker zijn dan de poster.
Campagnes versterken vooral de korte termijn. Politici worden verleid om problemen simpel voor te stellen, omdat complexiteit niet lekker bekt op een flyer. “Wij lossen het op.” “Het kan anders.” “Nu is het genoeg.” Maar de werkelijkheid van bestuur is traag, gelaagd en soms teleurstellend. Wie eerlijk is over beperkingen, risico’s en lange adem, loopt het gevaar als zwak of saai te worden gezien.
Wat als we het omdraaien? Wat als verkiezingen een moment van evaluatie zouden zijn in plaats van een marketingwedstrijd? Stel dat elke partij verplicht een publiek, toegankelijk overzicht publiceert van wat zij de afgelopen vier jaar concreet heeft gedaan: welke beloften zijn nagekomen, welke niet, en waarom. Geen glossy brochure, maar controleerbare feiten. De kiezer als beoordelaar, niet als doelgroep. Ik denk dat politiek er dan heel anders uit zou zien.
Campagne voeren kost geld, veel geld. Publieke middelen, donaties, uren aan vrijwilligerswerk. Dat geld en die energie zouden veel beter geïnvesteerd kunnen worden in permanente burgerdialogen, wijkbijeenkomsten of digitale platforms waar inwoners structureel meepraten. Niet één keer in de vier jaar, maar continu. Democratie als proces.
Tegelijkertijd geven campagnes mensen ook het gevoel dat hun stem ertoe doet, dat ze invloed hebben, de campagne heeft een emotionele functie. De spanning van de verkiezingsavond, de analyses op de t.v., het gejuich of de teleurstelling – het hoort bij het democratische ritueel. Het creëert betrokkenheid.
Misschien ligt de kern in vertrouwen. Als burgers structureel vertrouwen hebben in de manier waarop politiek wordt bedreven, als zij zich gehoord voelen tussen de verkiezingen door, dan verliest campagne voeren zijn noodzaak als schreeuw om aandacht. Dan wordt het meer een evaluatie van een periode van samenwerking tussen kiezer en gekozene.
Mijn ideaalbeeld is ieder geval dat politici niet ineens twee maanden voor de verkiezingen zichtbaar worden, maar het hele jaar door aanspreekbaar zijn. Waar niet de mooiste glimlach op een billboard doorslaggevend is, maar zijn of haar acties doordeweeks. Waar debat niet verhardt omdat het “campagnetijd” is, maar verdiept omdat inhoud telt. Dan wordt de verkiezingsperiode geen reclamecampagne maar een reflectiemoment. Geen strijd om de luidste stem, maar de vraag: wie heeft het vertrouwen verdiend?
Als we streven naar volwassenheid in onze politieke cultuur, dan zou het uiteindelijke doel moeten zijn dat campagnes niet langer nodig zijn om ons te overtuigen. De roos is dan overbodig, de bekende Nederlander kan dan gewoon thuisblijven en gelikte slogans kunnen achterwege blijven. U zult de komende weken weer overspoeld worden door allerlei politieke reclame, in uw brievenbus, tijdens het winkelen en wellicht aan de deur! Benut het moment en stel de vraag: “Waar bent u in de afgelopen vier jaar echt trots op geweest?” Ik denk dat dat antwoord u zeker op weg zal helpen naar een verantwoorde keuze in het stemhokje!

Columnisten schrijven eigen visie op persoonlijke titel.
- De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
- Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
- Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
- Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 297 lezers Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
Ontdek meer van MAASSLUIS.NU

2 Reacties
Aanvulling op mijn reactie die hier nog niet is te lezen…..
Talent wordt het land uitgejaagd en kanslozen geïmporteerd.
Geen idee wat het doel van deze waanzin is, maar het is kennelijk bewust beleid.
Omdat Marinus/Maarten notoir rechts denkt, wil hij maassluis.nu terroriseren. Dat doet hij door het kopiëren van teksten van websites met ultrarechts gedachtengoed. Ook onderstaande steelt hij, deze keer van:
https://nieuwrechts.nl/109206-de-box-3-hervorming-jaagt-rijke-burgers-straks-het-land-uit-
Beste lezer,
De wereld kijkt momenteel met verbazing naar wat er in Nederland gebeurt omtrent de nieuwe box 3-belasting. Terwijl landen elkaar beconcurreren om kapitaal en ondernemerschap, besluit Den Haag om vermogen te belasten dat nog niet eens is gerealiseerd. “Dit is het domste wat een regering op aarde op dit moment nastreeft.” Hard gezegd, maar moeilijk te weerleggen.
Deze maatregel staat niet op zichzelf. Ze is het logische sluitstuk van jarenlange economische uitputting. Miljarden zijn weggesluisd naar ideologisch klimaatbeleid, energietransities zonder rendement, stikstofregels die productie stilzetten en een uitdijend subsidiecircus.
De rekening daarvan komt nu binnen. In plaats van uitgaven te schrappen, kiest de staat voor de snelste route: graaien bij wie nog iets heeft.
Ik hoop heel snel na de balkonscene dat de boel instort en er weer nieuwe verkiezingen komen.