Er bestaat een generatie ouders die de wereld voor hun kinderen glad probeert te strijken. Elk obstakel wordt weggeveegd voordat het een struikelblok kan worden. Vandaar de naam: curlingouders. Zoals bij de Olympische sport voortdurend wordt geveegd om de steen ongehinderd zijn doel te laten bereiken, zo proberen deze ouders elk ongemak, elke teleurstelling en elk risico uit de levens van hun kinderen te verwijderen.

Hun intentie is liefdevol. Hun uitkomst is dat lang niet altijd.

Psychologen zien al jaren dat overbescherming een prijs heeft. De Amerikaanse psycholoog Jonathan Haidt stelt in zijn onderzoek naar de ontwikkeling van jongeren dat kinderen “anti-fragiel” zijn: zij worden niet sterker ondanks uitdagingen, maar juist dóór uitdagingen. In The Anxious Generation (2024) beschrijft hij hoe een combinatie van overbeschermend opvoeden in de echte wereld en juist onderbescherming in de digitale wereld samenhangt met een sterke toename van angst, onzekerheid en psychische klachten onder jongeren.

Ook ontwikkelingspsycholoog Erik Erikson beschreef al dat iedere levensfase wordt gekenmerkt door een ontwikkelingsopgave. Zelfstandigheid ontstaat niet doordat ouders alles oplossen, maar doordat kinderen zelf ervaren dat zij problemen aankunnen. Wordt die ervaring hen ontnomen, dan ontstaat gemakkelijk twijfel aan het eigen kunnen.

De gevolgen zien hulpverleners regelmatig terug. Jongvolwassenen die moeite hebben met het nemen van beslissingen. Studenten die bij een onvoldoende volledig uit balans raken. Werknemers die conflicten vermijden omdat zij nooit hebben geleerd dat een meningsverschil niet het einde van een relatie betekent. Wie nooit heeft mogen vallen, leert immers ook niet hoe hij weer moet opstaan.

Dat betekent niet dat betrokken ouders verkeerd bezig zijn. Integendeel. Emotionele beschikbaarheid, warmte en belangstelling behoren tot de krachtigste beschermende factoren voor een gezonde ontwikkeling. Het probleem ontstaat wanneer bescherming verandert in controle en hulp omslaat in overname.

De natuur laat zien dat het ook anders kan. Neem de zwaan.

Wie ooit een zwanenpaar met jongen heeft geobserveerd, ziet een opmerkelijke balans. Beide ouders beschermen hun kroost met indrukwekkende vastberadenheid. Een hond, vos of nieuwsgierige recreant hoeft niet te rekenen op veel begrip wanneer hij te dichtbij komt. De grens is duidelijk.

Maar binnen die veilige grens krijgen jonge zwanen juist veel ruimte.

Ze zwemmen zelf. Ze zoeken zelf voedsel. Ze oefenen hun spieren. Ze leren omgaan met stroming, wind en afstand. Hun ouders doen het niet vóór hen; ze doen het mét hen. Naarmate de jongen groter worden, neemt de begeleiding geleidelijk af. Uiteindelijk volgt zelfs een moment waarop de jonge zwaan het ouderlijk territorium moet verlaten om een eigen leven op te bouwen.

In de gedragsbiologie heet dit een geleidelijke overdracht van zelfstandigheid. Bescherming is tijdelijk; autonomie is het uiteindelijke doel.

Eigenlijk sluit dit verrassend goed aan bij wat de moderne ontwikkelingspsychologie al decennia laat zien.

De Amerikaanse psycholoog Diana Baumrind onderscheidde verschillende opvoedstijlen. Steeds opnieuw blijkt de zogenoemde autoritatieve opvoedstijl de gunstigste uitkomsten te geven. Deze ouders combineren warmte met duidelijke grenzen én stimuleren zelfstandigheid. Kinderen ontwikkelen hierdoor gemiddeld meer zelfvertrouwen, betere sociale vaardigheden, meer veerkracht en betere emotieregulatie dan kinderen die óf zeer streng, óf juist overbeschermend worden opgevoed.

Dat sluit ook aan bij de bekende uitspraak van kinderarts en psychoanalyticus Donald Winnicott“There is no such thing as a perfect parent.” Zijn idee van de good enough mother was revolutionair. Kinderen hebben geen perfecte ouders nodig. Ze hebben ouders nodig die voldoende veiligheid bieden én voldoende ruimte laten om frustratie, fouten en herstel te ervaren.

Juist daarin wringt de schoen bij curlingouderschap. Het voorkomt kleine teleurstellingen, maar vergroot vaak de impact van grote tegenslagen later in het leven. Veerkracht laat zich niet aanleren uit een handleiding; zij ontstaat doordat iemand ontdekt: ik kan dit aan.

Dat betekent overigens niet dat de zwanenwereld uitsluitend romantisch is. Ook daar schuilt een nadeel. De overgang naar zelfstandigheid is abrupt. Jonge zwanen worden letterlijk verjaagd wanneer het tijd is een eigen plek te zoeken. Voor mensen zou zo’n plotselinge breuk weinig wenselijk zijn. Onze hersenen ontwikkelen zich immers door tot ongeveer het vijfentwintigste levensjaar. Jongvolwassenen hebben vaak nog begeleiding nodig bij studie, relaties, financiën en identiteitsvorming.

De kunst is daarom niet om zwanen letterlijk na te doen, maar hun principe te begrijpen.

Beschermen waar het moet. Loslaten waar het kan.

De 21e eeuw stelt kinderen bovendien voor uitdagingen die eerdere generaties nauwelijks kenden: sociale media, voortdurende vergelijking, prestatiedruk, economische onzekerheid en een vrijwel onbeperkte informatiestroom. Juist daarom lijkt nóg meer controle door ouders een logische reactie. Maar waarschijnlijk is het tegenovergestelde nodig.

Kinderen hebben vandaag meer dan ooit behoefte aan een veilige haven, niet aan een glazen stolp. Een haven biedt beschutting wanneer de storm woedt, maar schepen zijn niet gebouwd om voor altijd in de haven te blijven. Misschien ligt daarin de grootste les van de zwaan. Liefde is niet het wegnemen van iedere golf. Liefde is naast je jong blijven zwemmen totdat het sterk genoeg is om zelf de wind te trotseren.

Klik voor de definitie van een column
  Een column is géén nieuwsartikel. Wat is het wel? Onderstaande maakt duidelijk dat je een column moet begrijpen door niet alleen de woorden tot je te nemen, maar door te bedenken welke  boodschap de columnist – mogelijk tussen de regels door –  aan de lezers geeft. Begrijp je de boodschap? Zie je wat de schrijver bedoelt? Daar kan ieder individu wat van vinden. Als het een eigen pijnplek is, kan de lezer de aanvechting hebben om helemaal erin mee te gaan of er volledig tegenin te gaan. Het is goed dat je als lezer weet wat (de waarde en betekenis van) een column is.
  • De aard van de journalistieke vorm van columns is dat deze informatief, leerzaam. onderhoudend maar ook kritisch, humoristisch (parodie, ironisch, sarcastisch, satirisch) en prikkelend kunnen zijn binnen een maatschappelijke context.
  • Waar de columnist dat zelf nodig acht, kunnen links in de tekst staan die naar achtergrondinformatie doorverwijzen
  • Wat voor de één een leuke of rake column is, is voor een ander onzin, een belediging of niet acceptabel. Youp van ’t Hek die met alles en iedereen de vloer aanveegt in zijn columns in het NRC wordt niet door iedereen gewaardeerd. Hetzelfde geldt voor Theo Holman in Het Parool en diverse andere columnisten.
  • Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden.
Zie ook bijgaande definitie van wikipedia:  

© wikipedia

Reageren? … Blader naar beneden plaats jouw reactie direct onder artikel [binnen 30 dagen na publicatiedatum] NB Uw reactie is pas zichtbaar nadat de moderator (controle t.o.v. algemeen fatsoen) deze heeft geakkordeerd.

◄ klik voor Publicatieschema columnisten

voorliggende column is tot nu toe gelezen door: 132 lezers



Ontdek meer van MAASSLUIS.NU

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Josiane van Esch

Josiane van Esch

JOSIANE VAN ESCH | Columnist 1 x per 2 weken |
Menselijke gedragingen en interacties. |
Psychologie en sociologie in de hedendaagse samenleving |
Psyche & Logos